Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

17

Milder was het advies van den resident van Tjerbon, die bij het bekend worden van den terugkeer een druk bezoek van zoovele personen van allerlei rang en stand voorzag, dat zulks opnieuw de aandacht der politie zou moeten bezighouden. Hij adviseerde daarom, zoo er al reden mocht zijn den terugkeer naar Java toe te staan, dan Soerabaja als verblijfplaats aan te wijzen, en hem aldaar onder politietoezicht te stellen.

Doch Kjai Hasan bleef te Menado.

Dit was in December 1845.

Het volgende request ten behoeve van den Kjai door zijne vier zonen ingediend, is van.. .. 10 December 1868.

De zoons verzochten daarbij hun thans zoowat negentig jaar ouden vader toch naar Java te doen terugkeeren, opdat zijn eigen kinderen en kleinkinderen hem de laatste diensten van hjkwassching en begrafenis, zooals de adat die voorschreef, zouden kunnen bewijzen. En ook de stokoude banneling richtte van de kampong Djawa te Tondano uit eenzelfde verzoek aan den Gouverneur-Generaal.

Weer 'werd in Tjerbon geinformeerd. Dé regent van Koeningan had tegen inwilliging geenerlei bezwaar. Een ballingschap van zeven en twintig jaar achtte hij genoegzaam zware straf dan dat. er nog vrees zou behoeven te bestaan voor het hervatten van vroegere pogingen. Nu was deze regent in 1842 districtsschrijver van Koeningan geweest, en dus zeker beter op de hoogte van het geheele geval dan de resident, die uit de uit Batavia opgevraagde stukken zijn kennis ervan verkregen had. De regent liet zich in verschoonenden zin over den Kjai uit, al gaf hij toe dat deze destijds grooten naam gemaakt had tot in Banten toe. Hij achtte het daarom geraden den terugkeer te doen plaats hebben, maar in alle stilte, om bij de nog in leven zijnde kinderen geen noodelooze spanning te verwekken.

Kjai Hasans oudste zoon had de traditie van zijn geslacht voortgezet en zich tot een zeer geëerbiedigd leeraar ontwikkeld, waarvan zijn huwelijksrelaties met den patih en zelfs met den regent de blijken gaven. Ook op den regent had hij grooten invloed, naar men zei, en deze was dan ook nauwgezet in de vervulling zijner godsdienstplichten. De ass.-resident, en op zijn voetspoor de resident, achtten wellicht vanwege deze relatie van Kjai Hasan tot de familie van den regent

2

Sluiten