Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6

Tekst 1887. Veranderingen 1917. Veranderingen en tekst 1922.

21. Wanneer bij overlij- 21. Wanneer bij overlijden 19. Wanneer bij overlijden des Konings geen be- des Konings geen bevoegde den des Konings geen bevoegde opvolger naar de opvolger naar de Grondwet voegde opvolger naar de Grondwet bestaat, geschiedt bestaat, geschiedt de benoe- Grondwet bestaat, worden de de benoeming regtstreeks ming regtstreeks door de Sta- Staten-Generaal binnen vier door de Staten-Generaal in ten-Generaal in vereenigde maanden na het overlijden vereenigde vergadering. Zij vergadering. Zij worden door den Raad van State in worden daartoe in dubbelen daartoe in dubbelen getale dubbelen 'getale bjjeengeroegetale binnen eene maand binnen twee maanden na het pen, ten einde in vereenigde na het overlijden bijeenge- overlijden bijeengeroepen. vergadering een Koning te roepen. benoemen.

22. Al de bepalingen om- 20. Al de bepalingen omtrent de erfofWWging wor- trent de erfopvolging worden den op de nakomelingen van op de nakomelingen van den den eersten Koning, op wien Koning, op wien krachtens krachtens een der twee voor- een der artikelen 12, 13, 14, gaande artikelen de Kroon 18 oï 19 de Kroon overgaat, overgaat, toepasselijk, in dier van toepassing, in dier voege, voege, dat het nieuwe Stam- dat het nieuwe Stamhuis ten huis ten opzigte van die op- opzichte van die opvolging volging van Hem zijnen oor- van Hem zijn oorsprong sprong neemt op gelijke wijze neemt op gelijke wijze en en met dezelfde, gevolgen als met dezelfde gevolgen als het het Huis van Oranje-Nassau Huls van Oranje-Nassau dit dit volgens art. 10 doet uit volgens artikel 10 doet uit wijlen Koning WILLEM wijlen Koning WILLEM FREDERIK, Prins van FREDERIK, Prins van Oranje-Nassau. Oranje-Nassau.

Ditzelfde geldt in het geval van art. 15 ten opzigte van de aldaar bedoelde nakomelingen van wijlen Prinses CAROLINA VAN ORANJE.

Het geldt evenzeer ten aanzien van de nakomelingen der vrouw, die bij opvolging tot de Kroon is geroepen, met dien verstande, dat de Kroon eerst bij geheele ontstentenis van die nakomelingen in de volgende lijn van het Stamhuis, waartoe die vrouw door geboorte behoorde, overgaat.

23. De Koning kan geene 21. De Koning kan geene vreemde Kroon dragen, met vreemde Kroon dragen.

uitzondering van die van In geen geval kan de zetel

Luxemburg. der Regeering buiten het

In geen geval kan de zetel Rijk worden verplaatst,

der regering buiten het Rijk worden verplaatst.

Sluiten