is toegevoegd aan uw favorieten.

Schets van het Nederlandsche burgerlijk procesrecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

96

op den in de dagvaarding aangewezen dag niet verschijnt, of (voor een kollege) niet bij procureur verschijnt, zoo zal de eischer op dienzelfden dag verstek tegen hem vragen en „ten profijte daarvan", toewijzing van den eisch met veroordeeling des gedaagden in de kosten. Door weg te blijven geeft de verweerder grond tot het vermoeden, dat hij tegen den eisch niets te zeggen heeft, behoudens in de nader te behandelen uitzonderingen.

Arbeidscontract- en huurkoopzaken. Dit zelfde zal ook hebben te gelden bij die contentieuze procedures die met een request en oproeping door den griffier aanvangen. Zoo bepaalt art. 125<£ Rv. dat de kennisgeving door den griffier van het kantongerecht tot partijen gericht van den dag en het uur waarop de zaak ter terechtzitting zal dienen, voor partijen de kracht zal hebben van een dagvaarding. En nu moge die kennisgeving, zooals die verzonden is, niet onder de oogen van den rechter komen, de rechter moet toch vertrouwen niet slechts dat de kennisgeving is verzonden, dat daarin geen schrijffout is gemaakt, doch ook dat de verweerder ze heeft ontvangen. Het verstek zal moeten worden geweigerd, en een nieuwe dag bepaald indien de kennisgeving als onbestelbaar van de post mocht zijn teruggekomen.

Veel zekerheid heeft de rechter niet dat een niet teruggekomen oproeping de gedaagde inderdaad tijdig bereikte en ook in dit opzicht is zeker de afschaffing van de dagvaarding bij deze zaken een achteruitgang, maar ook bij de oproeping bij dagvaarding kan die onzekerheid bestaan. Indien nl. de deurwaarder niemand thuis trof moet hij zijn exploit doen aan het hoofd van het plaatselijk bestuur of diens vervanger, en ook dan kan het voorkomen en komt geregeld voor, dat gedaagde, die door het stadhuis daarvan verwittigd wordt, van de dagvaarding niet of te laat hoort.

Nietigheid van dagvaarding. Toch zal de rechter niet zonder eenig onderzoek het verstek en de veroordeeling ten profijte daarvan uitspreken. Al dadelijk kan hij het niet doen, indien de voor de dagvaarding voorgeschreven termijnen en formaliteiten niet zijn in acht genomen. In dit geval moet hij het verstek weigeren, de dagvaarding nietig verklaren en den eischer in de kosten veroordeelen x) (zie art. 90 Rv. e. v.). Kan een

l) De eischer kan die kosten van den deurwaarder of procureur natuurlijk terugeischen; maar de rechtbank kan buitendien deze „rechtsbedienden" tot straf in hun bediening schorsen (art. 96 Rv.).