is toegevoegd aan uw favorieten.

Beknopte handleiding tot het Wetboek van strafvordering

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

223

over de vraag, of en in hoeverre de bepaling van toepassing was bij eene verstekbehandeling. Thans bepaalt art. 812, dat de officier bevoegd is de verzwarende omstandigheid alsnog te laste te leggen, eene bevoegdheid, waarvan hij ook bij de behandeling bij verstek gebruik kan maken 1).

Art. 818 kent eene zeer belangrijke nieuwe bevoegdheid toe aan den"oïïicïêr van justitie. Wanneer hij ook buiten het zooeven genoemde geval van art. 812 meent, dat de telastlegging behoort te worden gewijzigd, legt hij voordat hij volgens art. 811 zijne vordering neemt, den inhoud der door hem noodzakelijk geoordeelde wijzigingen schriftelijk aan de rechtbank over met de vordering, dat die wijzigingen zullen worden toegelaten. Geschiedt dit, dan wordt de inhoud der aangebrachte wijzigingen in het procesverbaal der terechtzitting opgenomen. In het algemeen is de vraag, welke wijzigingen mogen worden toegelaten, aan het oordeel der rechtbank overgelaten. De bedoeling was fouten of verzuimen in de dagvaarding te doen herstellen, het te laste gelegde in overeenstemming te doen brengen met hetgeen ter terechtzitting daaromtrent was aan het licht getreden en daardoor ook de noodzakelijkheid van de alternatieve telastleggingen, de dagvaardingen met de beruchte „althansen", te verminderen. Intusschen mag de wijziging niet geschieden, wanneer als gevolg daarvan de telastlegging niet langer hetzelfde feit zou inhouden in den zin van art. 68 Swb. Eene ruime uitlegging van dit begrip zal dus ook tot eene ruime uitlegging van art. SlJ leiden 2). Laat, omdat niet van hetzelfde feit kan worden gesproken, art. 68 eene nieuwe vervolging toe, dan is art. 818 niet van toepassing. Zoover de tweede vervolging door den regel: „non bis in idem" zou zijn uitgesloten, is verandering van de dagvaarding toegelaten s).

Van de gewijzigde telastlegging wordt door den griffier een gewaarmerkt afschrift aan den verdachte op de terechtzitting zelf ter hand gesteld, tenzij de rechtbank oordeelt dat met de uitreiking van een door dén griffier gewaarmerkt afschrift der wijzigingen kan worden volstaan. Indien de verdachte niet ter terechtzitting aanwezig is, dan wordt hem de gewijzigde telast-

') M. v. T., bl. 151/152.

•) M. v. T., bl. 153.

') Vgl. Leerboek I, bl. 211 en 312.