is toegevoegd aan uw favorieten.

Christelijke encyclopædie voor het Nederlandsche volk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

626

HONGARIJE

zijn, aangezien het in Hongarije niet alleen niet-atheistisch was, maar het Protestantisme ten zeerste vereerde en waardeerde, ja, zelfs opzettelijk ondersteunde. Zoo gebeurde het dan, dat zelfs de liberale Roomsche aristocratie en de middenadel in de constitutioneele twisten op de Rijksdagen van de jaren 1825—1848 zich steeds aan de zijde van de Protestanten schaarde en zoo konden de Protestanten, binnen korten tijd, onverwacht veel bereiken. De kroon van al deze de Protestanten begunstigende kerkelijk-politieke wetten was het wetsartikel XX, van het jaar 1848, dat al de privilegies van de Roomsche kerk afschafte en de volle gelijkheid van alle kerken in Hongarije uitsprak. Ja zelfs schreef het voor, dat al de behoeften van de historische kerken voortaan uit de staatskas zouden gedekt worden. Hiervan kwam echter niets, aangezien na den ongelukkigen afloop van den Hongaarschen vrijheidsstrijd in de jaren 1848—49 gedurende het absolutistische tijdperk door de laatste politieke verdrukkingen van de zijde der Habsburgers en Oostenrijk voor het Hongaarsch Protestantisme nieuwe beproevingen kwamen. Want het keizerlijk absolutisme ontnam aan de Hongaarsche Protestanten de autonomie op het gebied van kerk en school en wilde van boven af een nieuwe kerkelijke organisatie (1 September 1859) opdringen, die voor het synodaal-presbyteriale stelsel en voor de historische beginselen der kerken den dood had beteekend. Zij wilde nl. het kerkelijk leven der Hongaarsche Protestanten uit Weenen door een keizerlijken en koninklijken „Oberkirchenrat" laten regeeren en administreeren en de scholen moesten het Oostenrijksche leersysteem (Organisations-Entwurf) overnemen. Hiertegen kwam natuurlijk van de zijde der Hongaarsche Gereformeerden krachtig verzet. De strijd eindigde met een nederlaag van het Oostenrijksche absolutisme, want de Weensche regeering heeft dit „Openbaar Bevel" of „Patens" na een jaar — ook onder Hollandschen en Engelschen invloed — tenslotte moeten terugtrekken (15 Mei 1860) en ook de scholen werden met rust gelaten. Hetzelfde wilden zij ook met de Gereformeerde kerken van Zevenburgen doen, maar eveneens zonder resultaat.

De tweede helft van de negentiende eeuw was, vooral nadat keizer Frans Jozef zich in het jaar 1867 ook als Hongaarsch koning liet kronen, veel rustiger voor het Hongaarsch Protestantisme. Uiterlijk leefden de Hongaarsch Protestantsche kerken ongestoord. Maar innerlijk bloedden zij uit vele wonden die door de moderne theologie haar waren toegebracht. Het is een droevig feit, dat juist toen zij zich het meest vrij en krachtig hadden kunnen ontwikkelen, haar vlucht werd belemmerd door den afval, veroorzaakt door het dorre modernisme, dat vooral uit Duitschland en Nederland werd geïmporteerd. Met blijdschap kunnen wij echter ook constateeren, dat deze „ebtijd" van het Hongaarsch Protestantisme, vooral bij de Gereformeerden reeds voorbij is. Er is overal een krachtige ontwaking te bespeuren, die van 1910 af de Gereformeerde Beweging deed ontstaan. Het is te hopen, dat deze met de hulp des Heeren een nieuwe toekomst

voor deze geteisterde kerken zal voorbereiden.

Statistiek. Met het oog op den vrede van Trianon moeten wij nu een dubbele statistiek leveren, nl. eerst de statistiek van het oude historische Groot-Hongarije en daarna die van het verminkte Klein-Hongarije zooais het sinds 1920 bestaat. De gegevens zijn als volgt:

Naam van de Ia Groot- In bet ver- Verlies In godsdienstige Hongarije kleinde zielengezindheden in het jaar Hongarije aantal 1910 in het jaar 1920

Roomsch-Catholieken: 9.010.305 5.096.729 3 913.576 Qrieksch-Catholieken: 2.007.916 175.247 1.832.669 Gereformeerden: 2.603.381 1.670.144 933.237 Lutherschen: 1.306.384 497.(00 809 384 Grieksch-Orthodoxen: 2333.979 50.990 2.282.989 Unitariërs: 71275 6.224 68.051 loden: 911227 473310 437217 Kleinere fracties (Baptisten, Methodisten enz.): 17.066 10.487 6.579

Totaal: 18264.533 7.980.131 10284.402

Uit deze gegevens zien wij, dat de Hongaarsche Gereformeerde kerken door het ongelukkige einde van den wereldoorlog totaal 933.237 zielen hebben verloren, die nu in afzonderlijk en nieuw geconstitueerde kerken in de nieuwe randstaten rondom Hongarije wonen.

De Hongaarsch Gereformeerde kerken in Amerika. Ter aanvulling van deze statistiek moeten wij nog opmerken dat er in Amerika pl.m. een 100-tal Hongaarsch Gereformeerde kerken zijn, vroeger in het kerkverband van de Gereformeerde kerken van Hongarije, maar na afloop van den wereldoorlog öf zelfstandig öf in verband met enkele groote Amerikaansche kerken.

De organisatie der Gereformeerde kerken. De Hongaarsche Gereformeerde kerk is volgens art. 2 van de nog steeds geldende kerkenordening, naar het synodaal-presbyteriaal stelsel ingericht. Dit beteekent echter niet, dat de organisatie der Hongaarsche kerken geen speciale karaktertrekken heeft. Integendeel. Er zijn talrijke punten, waar het synodaal-presbyteriaal stelsel op grond van de speciale historische ontwikkeling der Hongaarsche Gereformeerde kerken op 'n geheel eigenaardige wijze is omgebouwd of gemodifieerd. Maar de grondgedachte bleef toch en de ontwikkeling van de Hongaarsche Gereformeerde kerk in de richting van het synodaal-presbyteriaal stelsel is nog verre van afgesloten.

Dit ging echter in het verleden steeds moeilijk en zou nog altijd niet dan met groote moeite kunnen doorgevoerd worden. Want de historische ontwikkeling van de organisatie der Hongaarsche Gereformeerde kerken mist de eenheid en, zooals de Duitschers het noemen, de „Einheitlichkeit" van de beginselen, die deze ontwikkeling overal in het land in een bepaalde vaste richting zouden hebben kunnen sturen.

En als wij nu bedenken, dat de politieke toestanden van Hongarije in den loop van de 16e en 17e eeuw onmogelijk hebben gemaakt, dat de Hongaarsche Gereformeerde kerken in een Nationale Synode bijeenkwamen, dan kunnen wij ook begrijpen, waarom in vele streken van Hongarije de Gereformeerde gemeenten bisschoppen en opper-curatoren hebben gekozen, terwijl vele kerken in Noord-Hongarije, onder puriteinschen