is toegevoegd aan uw favorieten.

Christelijke encyclopædie voor het Nederlandsche volk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

PRO JUVENTUTE — PROPONENT

623

len, op 1 Januari 1878 gepubliceerd. Het is later aangevuld met de art. 13, 14 en 15. Op 3 April 1879 werd op den grondslag van dit program het Centraal Comité van Antirevolutionaire Kiesvereenigingen gevormd.

Om dit program toe te lichten schreef Dr A. Kuyper in De Standaard in de jaren 1878 en 1879 een reeks artikelen. Deze zijn, onder den titel Ons Program in 1879 gebundeld verschenen. Het werk telt 21 hoofdstukken en is van vele bijlagen, artikelen uit De Heraut en De Standaard van ouderen datum, voorzien. In de latere uitgaven zijn deze bijlagen niet opgenomen. Voortbouwend op den omvangrijken arbeid, door Groen verricht, heeft Dr Kuyper in dit geschrift in groote trekken uiteengezet, welke beginselen Gods Woord ons geeft voor het publieke leven. Het werk, dat verscheen, toen de schoolstrijd op het hevigst woedde, heeft een machtigen invloed gehad op de ontwikkeling der Christelijke politiek in Nederland.

Op de Deputatenvergadering, 1 November 1916 te Utrecht gehouden, is het program van beginselen op enkele punten herzien en aangevuld, en meer in overeenstemming gebracht met den toestand en de eischen van dentegenwoordigen tijd. [ 52.

Pro juventute, beteekent letterlijk: voor de jeugd. De naam van verschillende plaatselijke vereenigingen, waarvan onderscheidene zich tot het Nederlandsch Verbond der Vereenigingen pro juventute vereenigden (Secretariaat te Amsterdam). Het doel der Vereenigingen is: de bestrijding van de criminaliteit der jeugdige personen. Om dit doel te bereiken draagt men o.a. zorg voor de opvoeding van en het toezicht op de misdadige jeugd; verleent men stoffelijken en zedelijken steun, benevens rechtskundigen bijstand aan jonge menschen die gevaar loopen misdadigers te worden (Boefje van Brussel) en bevordert men de plaatsing van zulke jonge menschen in een opvoedingsgesticht. De vereeniging heeft een „neutraal" karakter. [ 51.

Proletariaat. De burgers van de laagste klasse, de onvermogenden, noemde men tijdens het Romeinsche Rijk proletariërs. Deze naam is afgeleid van het Latijnsche woord proles, dat kroost beteekent. Men meende, dat deze burgers den staat geen anderen dienst bewezen dan het vermeerderen der bevolking.

In den tegenwoordigen tijd verstaat men onder het proletariaat de klasse der bezitlooze loonarbeiders, werkzaam in het moderne grootbedrijf, die een onzeker bestaan leidt. In tijden van voorspoed en opgewekt bedrijfsleven is er voor deze arbeiders voldoende werkgelegenheid, dikwijls tegen stijgende loonen, doch in perioden van crisis en achteruitgang staan zij onmiddellijk bloot aan loonsverlaging en werkloosheid.

Reeds in de Middeleeuwen bestond er een klein proletariaat, een groep werklieden, arbeidende in het op beperkte schaal voorkomende grootbedrijf, dat als huisindustrie wtrd uitgeoefend. In crisistijd werden zij ontslagen en leden gebrek. Deze groep breidde zich uit in den lateren gildentijd, toen vele gezellen zich den pas zagen afgesneden om meester te worden. De groote toeneming van het proletariaat dateert

echter uit den tijd, waarin de vele kleine bedrijven, mede door de toepassing van stoom en electriciteit, den strijd tegen het opkomende grootbedrijf moesten opgeven. Men leze hierover: Werner Sombart: Das Proletariat 1906. [ 52.

Proloog, voorrede, inleidingsrede, openingsrede.

Prometheus, in de mythologie de zoon van den titan Japëtos, uitvinder van vele kunsten, inzonderheid van de beeldende. Hij vormde menschen uit leem en water, en stal om hen te bezielen, het vuur van den hemel, waarom Jupiter hem in toorn aan een rots van den Kaukasus liet vastklinken, waar een gier hem de telkens weêr aangroeiende lever moest uitpikken. Deze straf stond Prometheus zoolang door, totdat Hercules hem van de rots bevrijdde. Overdrachtelijk wordt iemand wel een Prometheus genoemd, om aan te duiden dat hij een bekwaam kunstenaar, inzonderheid een beeldhouwer of boetseerder, is.

Promotie, bevordering, verheffing, standsverhooging; inzonderheid de bevordering tot een academischen graad (doctorale promotie).

Proosdij (Cornelis van), geboren te Dordrecht 27 Februari 1859, overleden te Amsterdam 11 Maart 1915, predikantszoon, studeerde aan de Theologische School te Kampen, deed 13 November 1881 zijn intrede in de Christelijke Gereformeerde gemeente te Stroobos, 29 Juni 1884 te Hallum, 19 October 1890 te Baarn, 29 October 1893 te Leiden (A) en 21 Juni 1899 te Amsterdam. Hij had groote kanselgaven. Zijn levendige verbeelding en zijn groote kennis stelden hem in staat om de Bijbelsche geschiedenissen zóó te schilderen, dat het de hoorders boeide. Ondanks zijn zwakke oogen was hij zeer belezen en schreef hij veel. Zoo legde hij een nieuwe uitgave van Ursinus' Schatboek ter perse (1886), en beschreef hij het leven van Theodorus Beza (1895) en Jacques le Févre (1900). Voorts verscheen van zijn hand: De Profeet Daniël, gedeeltelijk ontleend aan Calvijn. Van Calvijn gaf hij ook drie preeken uit onder den titel: De offerande van Abraham (1907). Zijn Ter Gedachtenis (1835—1910) bevat een herinnering aan de geschiedenis van de Christelijke Gereformeerde kerk te Amsterdam. [ 30.

Proost, (van het Latijnsche praepositus, vooropgeplaatst), naam van den eersten waardigheidsbekleder bij kapittels; ook: eerste kloostergeestelijke, na abt of prior; in Duitschland is het ook de titel van predikanten aan hoofdkerken. [ 28.

Propaedeuse, vooroefening, voorbereidend onderwijs, inleidende wetenschap. Onder propaedeutisch examen verstaat men het onderzoek naar de kundigheden, waarvan de kennis noodig is, om het eigenlijke vak van studie met vrucht te kunnen beoefenen.

Propaganda, verbreiding, uitbreiding; vooral ook de actie, om een denkbeeld ingang te doen vinden, om leden voor een Vereeniging, of abonnees voor een weekblad of tijdschrift te werven enz. enz.

Proponent, van het Latijnsche proponens = wie voorstelt, nl. een gedeelte der Heilige Schrift, en dan bepaaldelijk aan de gemeente. Een proponent is een candidaat in de theologie, of een broe-