is toegevoegd aan uw favorieten.

Uit het leven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maakte hem, dat de groote, dikke Verkey, na den worp, zijn bal achterna liep, als werd hij meegetrokken.

Eerige spelers gooiden zoo woest, dat de ballen met kracht tegen de schutting achter de kegels bonsden, anderen zoo slecht, dat zij het zand naast de plank deden opstuiven.

„Die trult 'm der ook lekker in," zeide Jan hardop, toen een jonge kerel, met hooge zijden pet schuins op het oor, het Hamburger wapen gooide; en met den boer, die naast hem stond, raakte hij in gesprek over de mogelijkheid alleen den Koning om te werpen. Beide mannen waren van meening, dat het niet doenbaar was, ofschoon de kastelein beweerde, dien worp eens voor jaren te hebben zien gooien.

Opeens voelde Jan zich op den schouder tikken. Hij zag om, en Van Loon stond voor hem.

„Zeg ik moet je even spreken," zeide deze, die verlangend was te weten, hoe Kee over een huwelijk dacht.

„Met pleizier," antwoordde Jan, en zij gingen in de benauwde, met rook gevulde gelagkamer zitten.

„Zeg," zeide Van Loon, en hij zag den andere scherp in de oogen, „ik mot eens weten, hoe 't er mee staat. Ik spreek openhartig met je, en daarom mot je me eens eerlijk zeggen: Wil je zuster; ja of nee?"

„Dat is te zeggen ...." zeide Jan aarzelend, want hij wilde niets doen merken.

„Hoort eens," merkte Van Loon op, „ik ben openhartig met jou en vertel je de waarheid. Je

54