Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VOORREDE DER VIJFDE UITGAAF

„Ook bij dezen herdruk, den laat sten, dien ik beleven, althans dien ik bezorgen zal, héb ik weinig aan den tekst veranderd, niets meer dan bij voortgaande studie gebleken was noodzakelijk te zijn." Die woorden, vermoedelijk nogin Januari neder geschreven, vond ik op een los papiertje bij de Voorrede van den vierden druk in het exmplaar der eerste drukproeven voor dezen vijfden. De verwachting van mijn diep betreurden vriend, dat hij dezen arbeid zou kunnen Voltooien, is, helaas, niet in vervulling gekomen: nog in Januari i8gg is hij gestorven, terwijl slechts n vel van den nieuwen druk waren afgewerkt. Maar het overige stond reeds geheel in proef en met de pen in de hand had hij de proefvellen tot de laatste bladzijden toe doorgezien, hier en daar een kleine verandering makend, een woord of uitdrukking wijzigend, een zin omzettend, een opmerking aan de noten toevoegend. Slechts de correctie der drukfouten en de eindrevisie bleven over. Deze heb ik bezorgd — een droevige, weemoedige taak, die mij vomtdurend herinnerde aan het groote verlies, dat de vaderlandsche wetenschap door den dood van mijn hoog vereerden leermeester heeft geleden.

Moge zijn boek in den definitieven vorm, dien hij er aan wilde schenken, steeds meerderen inzicht geven in het daarin zoo voorbef/elijk beschreven tijdperk van den gr ooien oorlog en steeds een eereplaats blijven innemen onder de klassieke werken, die de Nederlandsche letteren der igde eeuw hebben aan te wijzen.

Maart, 1899

P. J. BLOK

Sluiten