is toegevoegd aan uw favorieten.

De codificatiebeweging in Duitschland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

die immers in het teeken der hervorming stond, en die voor de hervorming aan het Romeinsche recht niet genoeg had.

Integendeel, de aangewende pogingen om het Romeinsche Recht te recipiëeren zijn voor het strafrecht vrijwel zonder resultaat gebleven; of liever, de toestand werd er nog veel erger op. Het doel, met de receptie beoogd: de onzekerheid en verwarring, die in het strafrecht heerschten en de willekeur der rechters op te heffen, is niet bereikt: het nieuwe recht was niet toepasselijk, veel ervan was in tegenspraak met het inheemsche Duitsche recht, en ten slotte: de meeste schepenen kenden het niet en moesten het toch gebruiken; waarbij dan nog hun persoonlijke, ongeschiktheid kwam.

Bij de behandeling van de codificatie van het privaatrecht zullen we bij deze receptie eenige oogenblikken stilstaan.

Een andere factor was het verlangen, bevrijd te worden van de misbruiken, waaraan de kleine" man van de zijde des adels blootstond.

Dan ook viel de strafwetgeving veel gemakkelijker te codificeeren vanwege de geringere grootte van haar terrein; doch tevens traden op dit gebied klaarder de misstanden naar voren, die de motieven ingaven voor de codificatie; en waarvan we als de belangrijkste willen noemen: de groote rechtsonzekerheid en onveiligheid door de trucs der rechters, veelal slechts bedacht op het vullen van hun eigen beurs; de schepenen waren onbekwaam, vorsten en landsheeren droegen er opzettelijk het hunne toe bij, om de onzekerheid en onveiligheid nog te vergrooten, mede uit fiscaal oogpunt. Als bijkomende oorzaken kunnen we dan beschouwen uiterlijke gebreken, zooals gebrekkige bewijstheorieën en een verkeerd toegepast inquisifoir principe. ')

Van den keizer tot de geringste onderdaan geven allen dit

') Men rie hiervopr: Wachter Gemeines Recht pag. 20, en: Malblank's G. der P. G. O., die aldaar een apart hoofdstak wijdt aan den „schlechten Einflusz des fremden Rechtsstudii in die Verbesserung des teutschen peinlichen Rechts".

10