is toegevoegd aan uw favorieten.

De ontwikkeling der verbruikscoöperatie in Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

-78-

eenige levensvatbare vorm is gebleken, waarin de consumenten als zoodanig zich kunnen organiseeren.

Het Tweede Coöperatief Congres werd door den N. C. B. gehouden op 24 September 1899 eveneens te 's-Gravenhage en ónder denzelfden voorzitter. In aansluiting aan het behandelde op het eerste congres had Mr. Boudewijnse een praeadvies geschreven over: „Welke zijn de beginselen, die aan de toepassing der coöperatieve denkbeelden ten grondslag behooren gelegd te worden?" Het was een beschrijving van de Rochdale-beginselen; bovendien werd erin de nadruk gelegd op politieke en godsdienstige neutraliteit van de coöperatie, terwijl geen staatshulp moest worden verleend. Hij noemde naast de verbruikscoöperatie de productieve coöperatie van arbeiders als een middel tot kapitaalvorming1), hoewel de laatste m. i. een geringe rol speelt en slechts somtijds mogelijk is als een v. v* een geregeld afzetgebied waarborgt en ook dan nog vaak mislukt. De eisch van politieke neutraliteit gaf aanleiding tot een debat, waarbij Prof. Treub scherp partij koos tegen de coöperaties, waarvan een deel der winst voor politieke doeleinden werd besteed.

Door gebrek aan sprekers en gelden kon in de beide volgende jaren de reeks congressen niet vervolgd worden8), doch in 1902 kwam men weer bijeen te 's-Gravenhage onder Dr. Rutgers, voorzitter van den N. C. B. In een rede „Wat ons ontbreekt" zette G. J. D. C. Goedhart uiteen, dat wilde de coöperatieve beweging krachtig zijn, aansluiting van de verschillende c. v.n bij één centraal lichaam een eerste vereischte was. Hij wees daarbij als voorbeeld op Engeland en Denemarken en spoorde krachtig tot navolging aan *).

Daarna duurde het tot 1915 alvorens de A. V. van den N. C. B. het besluit nam om de coöperatieve congressen, die vroeger zoo groote belangstelling hadden ontmoet, regelmatig te hervatten en voor zoover dit mogelijk zou zijn, jaarlijks aan de A. V. te ver-

*) Wibaut o. a. kwam hiertegen in oppositie. Hij beschouwde productiecoöperatie als „zuiver kapitalistisch". Verslag 2e Nat. Coöp. Congres 1899, bl. 7.

a) Jaarverslag N. C. B. 1900/01.

*) Verslag 3e Nat. Coöp. Congres. Voor dit congres had N. R. Kuperus een praeadvies geleverd over zuivel-coöperatie. De bespreking daarvan ligt buiten mijn bestek.