is toegevoegd aan uw favorieten.

Het proces van den apostel Paulus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

92

dat feitelijke moet voor het volksbewustzijn de vroegere begrippen verzwakt hebben, zoodat geleidelijk deze woorden niet alleen gelijke beteekenis hebben gekregen, maar ook beide een wel gelijke, maar van den vroegeren inhoud afwijkende beteekenis. Wil men hier een zuiver juridische verklaring geven, dan kan het m. i. niet uitblijven of dit zal altoos iets kunstmatigs blijven houden, eenvoudig omdat de appellatio van den keizertijd aan het oudere recht vreemd en dus een nieuwe schepping is ).

Bijna algemeen wordt thans aangenomen, dat de eigenlijke rechtsgrond der nieuwe appellatio moet gezocht worden in het recht van den keizer om processen, hangende voor andere rechters in het geheele rijk ter beslissing aan zich te trekken. Volgens Cassius Dio *) werd dit recht reeds in het jaar 30 v. Chr. aan Octavianus bij plebisciet verleend. Dat is het z.g.n. „IxxXrjtov dix&teiv" des keizers. Er is wel op te letten, dat hier sprake is van een recht, dat den keizer toekomt, doch niet gezegd wordt op welke wijze of wijzen een proces voor den keizer kon komen en hij van dit recht kon gebruik maken. Het JxxXnxov' wordt hier niet nader aangeduid.

Ook Merkel ^ neemt aan, dat de keizer dat recht bezat. Zoodra hij echter gaat handelen over de vraag, hoe zich uit dit recht van den keizer de appellatio heeft ontwikkeld, gaat hij uit van een zeer aanvechtbare stelling, die niet alleen zijn geheele studie drukt, maar hem ook noodzaakt voor het beroep van Paulus een gewrongen

*) Hartmann. Pauly-Wissowa, Real-Eneyd. p. 196. Appellatio. ») Cassius Dio 51. 19.

*) Merkel, Abhandlungen aas dem Geb. des rSm. Rechts. Heft II, p. 48 e. v.