is toegevoegd aan uw favorieten.

Het adatrecht van Bali

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

139

van het jaar 1920 gehouden volkstelling bevatten geen désagegevens, noemen ook niet de aantallen désa's. Naar oudere gegevens hebben we niet gespeurd (aangezien deze toch weinig vertrouwen zouden verdienen), doch we volstaan met eene opgave der cijfers van ééne onderafdeeling in Noord-Bali en ééne onderafdeeling in Zuid-Bali.

In Boelèlèng is de sterkte van de désabevolking (in 1920) bepaald op 141429 zielen; er zouden 116 désa's voorkomen, zoodat het gemiddeld bevolkingsaantal der désa's bedraagt 1220 zielen. Over bandjars in Noord-Bali ontbreken gegevens.

In Badoeng is de sterkte van de désabevolking (in 1920) bepaald op 171807 zielen; er zijn 128 désa's, zoodat het gemiddelde bevolkingsaantal der désa?s bedraagt 1324 zielen. Wat de Badoengsche bandjars betreft, we beschikken slechts over eenige gegevens betreffende de districten Dèn Pasar en Kesiman. Het eerste telt bij eene désabevolking van 20589 zielen, 34 bandjars of gemiddeld per bandjar 606 zielen, Kesiman telt bij eene désabevolking van 33861 zielen, 82 bandjars of gemiddeld 413 zielen. Men houde bij al deze gegevens wel in het oog, dat de bevolkingscijfers der zwaarstbevolkte désa's (en bandjars) en der dunstbevolkte désa's (en bandjars) zeer ver van deze gemiddelden afliggen. Opgemerkt zij evenwel dat op Bali wel groote désa's doch geen steden voorkomen.

Aangaande de uitgestrektheid der dorps- en bandjargebieden ontbreken gegevens.

II. Zelfs een schrijver als Dr. Julius Jacobs, die voor Bali schier geen goed woord over heeft, voelt zich genoopt zijne bewondering te uiten over de werking van het bevloeiingswezen op dat eiland. Hij schrijft: „De irrigatiewerken zijn uitstekend en de wijze van verdeeling van het water onder verschillende eigenaars der sawahs op voorbeeldige wijze geregeld; elke afdeeling dezer werken staat onder het direct toezicht van een klijan soebak, die voor de geregelde verdeeling van het water zorg draagt, terwijl een serahan de belasting op het water int" *). De zorg voor die uitstekende bevloeiingswerken en die voorbeeldig geregelde verdeeling van het water over de sawahs der verschillende rechthebbenden, is bijna geheel in handen van bevloeiingsgemeenschappen, welke reeds vroeger met een enkel woord vermeld werden, en waarvan thans het bestuur dient beschreven te worden.

Boven kon er reeds de aandacht op gevestigd worden, dat de inrichting dier gemeenschappen niet overal dezelfde is. Beziet men eene kaart van Bali, waarop het bergstelsel aangegeven is, dan zal die verscheidenheid geene verwondering baren. Ten noorden van het Balische scheidingsgebergte, dat aan die zijde

*) Jacobs blz. 31.