is toegevoegd aan uw favorieten.

Het adatrecht van Bali

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

346

dit introuwen dient kennis te worden gegeven aan de bandjarlieden en den prebekel met poenggawa1). Er dient dus wel op gelet, dat niet elk inwonen bij de vrouw njeboerin (= njerodin?) is2). In Tabanan is het ongetwijfeld de bedoeling van de vorstelijke verordeningen (uitsluitend geldend voor de kaoela djaba\ geweest, zulk een met eene vrouwelijke sentana huwenden schoonzoon zelf ook erfgerechtigd te maken, hem met andere woorden de positie van den na te noemen selidihi te geven. In Tabanan moest van de aanneming eener eenige dochter een vergunningsbrief worden opgemaakt, elders schijnt door het inhuwen van den schoonzoon zelf (d.w.z. zonder dat deze sentana of selidihi werd verklaard) haar recht voldoende te blijken.

Het derde geval eindelijk is de selidihi (een woord afgeleid van silih dihi of sela dihi = vervanger in zijn eentje, vervanger door zich zelf). Ofschoon het meest voorkomend in den vorm: van den man, huwend met de eenige dochters), beperken de gevallen van selidihischap zich daartoe niet. Ook door geheel kinderloozen wordt wel een selidihi ingeroepen4). Deze aangenomen zoon verschilt van den sentana doordat hij niet geperast is, doch bekendmaking (sijar) onder de bandjargenooten of in de désa door den bendésa, heeft wel plaats, evenals kennisgeving aan poenggawa en prebekel4). Van den inhuwenden schoonzoon (sentana tarikan) verschilt hij doordat zijn erfrecht rechtstreeks voortkomt uit zijn selidihischap en hij het niet verkrijgt door zijne vrouw5). Het wil ons voorkomen dat een selidihi het best te vergelijken is met een lid van een vorstenhuis, dat door het uitsterven van een dynastie in een of ander land, daar tot den troon geroepen wordt en zelf de grondvester wordt van een eigen dynastie. Het selidihischap ziet echter niet alleen op het overnemen van eene waardigheid, doch vnl. op het recht van erven der na te laten goederen, die de Selidihi vaak reeds bij het leven van dengeen die hem aannam, beheert *). Of het mogelijk is bij1 den één sentana en gelijktijdig bij den ander selidihi te zijn, is nog onzeker7).

Aan de hand der jurisprudentie scheen ons, samengevat, het bovenstaand relaas hierop neer te komen: De aangenomen zoon of sentana is een man die door peras geheel in de familie van adoptant wordt opgenomen, om daar als een vleeschelijk kind behandeld te worden — met hem staat gelijk, de sentana kepala

*) Adatrb., XXIII, blz. 306.

') Adatrb, XXIII, blz. 335, over njeboerin, zie men nog adoptie

blz. 314—5.

•) Adatrb, XXin, blz. 305, 311, 330.

•) Adatrb, XXITI blz. 307 en 355.

») Adatrb, XXIII, blz. 379.

*) Adatrb, XXm, blz. 307 en 330.

7) Adatrb, XXIII, blz. 341—3.