Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

nassijns der Portugeesche Gemeente die ook bij hen bescheiden waren. Eerst had men te kennen gegeven, dat beide Colleges tegelijk binnen zouden komen, daarna kwam de bode echter zeggen, dat de Parnassijns der Hoogduitsche gemeente zouden binnenkomen. Burgemeesteren vroegen ons nu, daar de Prins morgen (Vrijdag) zou komen, hoelang de ceremonie wel duren zou, waarop wij antwoordden: ongeveer 1 uur. Daarop vroegen zij, daar de Prins nog andere bezoeken wenschte af te leggen, of de tijd niet kon worden ingekort, waarop wij antwoordden het op 3 kwartier te kunnen stellen. Wij hebben hun tevens verzocht eenige compagnien burgers ter onze beschikking te stellen, om wanorde te voorkomen, waarop zij antwoordden, dat zij daartoe zouden order geven, en de Hoofdschout die mede in de Burgemeesterskamer zat, zeide, dat hij zijn lieden ook zou zenden. Daarop hebben wij dank gezegd voor de vriendelijke ontvangst en zijn direct gereden naar de vergaderzaal, waar onze Collega's Parnassijns en Penningmeesteren wachtten om te vernemen, hoe de audiëntie was afgeloopen.

Wij hebben toen ongeveer een uur beraadslaagd. Om 5 uur hebben wij alles geregeld met de oppassers.

Parnassijns en Penningmeesteren zouden zich bij de Hooge Receptie opstellen als volgt:

Parnas-President Nathan Salomons en Marcus Philip Gomperts voor de Parnassijnsbank, waar de Prins en de Prinses plaats zouden nemen, Magnus Nathan en Philip Salomons aan de koets, Jacob Elias Levij en Marcus David Gompertz voor de deur van de Synagoge, in de vestibule. •

Vrijdagochtend 9 uur zijn wij tezamen gekomen in de gemeentekamer, waar wij hebben aangetroffen 2 compagnien burgers, die aan iederen kant een afzetting hebben gemaakt, doch zoo, dat men zeer gemakkelijk er tusschen door kon gaan of rijden.

Om 10 uur zijn alle gemeenteleden die zitplaats hadden in de Groote Synagoge, mannen en vrouwen, een voor een in Sabbathkleeding in de Synagoge gekomen, waar men tot klokke 2 uur heeft gewacht. Toen zijn Hunne Hoogheden met een groot gevolg in 8 koetsen aangekomen.

De stoet bestond uit Zijne Doorluchtigheid den Prins en Hare Koninklijke Hoogheid de Prinses, 3 Burgemeesteren met name de Vrij Temmink, Clifford, Huijgens én den Schout Isaac Sweenus, den Hertog van Brunswijk Wolfenbuttel, den Prins van Hessen Cassel, 3 Freules met name Dankelman, Schwerin en van Rheede, Opperhofmeester Luitenant Generaal Bigot, Opperstalmeester Baron van Wilkenitz, Hofmaarschalk Baron VoiGT van elspe, 4 Kamerheeren: Graaf de Marsij,

5

Sluiten