is toegevoegd aan je favorieten.

"Voor afbraak"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Elk land heeft zijn socialen: volkslagen, dde den eersten Mei vieren en bij verkiezingen „rood" stemmen. Nederland neemt in dit opzicht een bijzondere plaats in. Ondanks 22 zetels in het Parlement blijft het aantal der georganiseerden, der „bewusten" onder de 42000. Deze lauwheid, dit gebrek aan verbittering, is te danken aan het feit, dat onze 621.433 socialistische en communistische kiezers wel tot de minst revolujtiottiaire der wereld behooren. Nog krasser, men mag gerust aannemen, dat bij een referendum over het vervangen van de monarchie door een republiek hier te lande, de helft dezer lieden zich voor handhaving van het Huis van Oranje zouden uitspreken. Niemand weet het beter dan de leiders, die dan ook alle propaganda tegen de Koninklijke Familie als „ondoelmatig" achterwege laten.

Onwillekeurig trekt men hieruit conclusies omtrent het beleid der partij-bestuurders zelve. De rechtmatige trots van dèh Britschen labour-leader in zijn schitterend imperium, dat over geheel den huidigen wereld-Balkan, zonder merkbare inspanning, reusachtige oasen van vrede en samenwerking in stand houdt; het waardig verantwoordelijkheidsgevoel van den Zweedschen partij-genoot, die sedert jaren tot grooter glorie van zijn land richtte en regeerde; het fier nationaal gevoel van den Franschen radicaal, welke een makker zou verachten, die naliet het vaandel te groeten — men zou verwachten van dit alles een Nederlandsehe tegenwaarde te vinden. Niets er van!

De roode kaders ten onzent kennen geenerlei vreugde aan den Staat. Wars zijn ze van verantwoordelijkheid en regeeringswerk, teleurgesteld door de lauwheid hunner 'volgelingen, ontnuchterd door de Russische consequenties van een handvol communisten; — maar indien de geestdrift van een eigen zaak hun ten eenenmale ontbreekt, in doffe wangunst steken zij de kroon.

In die atmosfeer zijn de groote diensten, welke in Troelstra's