is toegevoegd aan je favorieten.

Verzameling van wetten, besluiten en aanschrijvingen betreffende de directe belastingen, invoerrechten en accijnzen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

82

1837, nos. 19-43.

b. Om den Hoofdambtenaren, en bijzonder den Inspecteurs aan te bevelen, ten einde op de invulling der documenten, ten kantore der Ontvangers een nauwlettend oog te houden, en rapport uit te brengen, ten aanzien van zoodanige Ontvangers, welke te dien Opzichte niet met de vereischte zorg te werk gaan, en zich voor het behoorlijk verrichten van het schrijfwerk ten hunnen kantore geen voldoende hulp aanschaffen.

1. Het hier verder volgende is weggelaten als zijnde niet meer van belang.

Nos. 19—39. Vervallen.

No. 40. Res van 1 April 1837, no. 91.

Zuivering van volgbrieven.

De Minister van Financiën, gelezen hebbende een missive van een der Gouverneurs, opheldering vragende ten aanzien van de al of niet noodzakelijkheid, om de wegens opslag in entrepot af geteekende'volgbrieven, en waaromtrent blijkt van debiteering op het register van entrepot, ook nog in het register van zuivering (1), in te schrijven, en ook daarvan in dorso van het model no. 42 (2), aanteekening te stellen, als zijnde door een Ontvanger zwarigheid gemaakt, om als gezuiverd aan te nemen een teruggekomen volgbrief, waarop het no. van evengemeld register niet was vermeld, en alzoo de laatstgemelde zuivering niet was geconstateerd;

Gelet op art. 49 der Alg. wet van 26 Aug. 1822, S. no. 38;

Heeft te kennen gegeven, dat, naar des Ministers inzien, in het bedoelde geval, het inschrijven in het register van zuivering, boven en behalve de plaats gehad hebbende debiteering in het register van entrepot, als overbodig is te beschouwen, en dat, waar een zoodanige debiteering op het document vermeld wordt, de woorden, welke tot de inschrijving in het gewoon register «ftn zuivering betrekking hebben, tevens met de pen kunnen worden doorgehaald.

1. /.-, U.- en Dv. no. 20.

S. Kennelijk wordt hier bedoeld no. 8 van de serie U.- en Dv., thans model F Nos. 41—42. Vervallen.

No. 43. Kon. besluit van 2 Maart 1837, S no. 7.

Wijziging van het besluit van 9 Sept. 1836, S. no. 49, waarbij het expeditiekantoor Losser is ingetrokken.

Wij WILLEM, enz.

Herzien ons besluit van 9 Sept. 1836, S. no. 49 (V. no. 149); Hebben goedgevonden en verstaan :

1°. Bij uitbreiding, enz. (1). . , , , ,

2° Bii wijziging van Ons meergemeld besluit»: ui het belang der ingezetenen van Losser en die van Oldenzaal welke hun brandstoffen aanvoeren «t het Ruhenbergerveen, in het Koninkrijk Pruisen, en ook hun bouwmaterialen, zoo uit het Koninkrijk Hannover, als uit Pruisen bekomen, te bepalen, dat het geoorloofd zal zijn, om de bedoelde voorwerpen, en deze alleen, van af, de uiterste grenzen der gemeente Losser, binnen dit Koninkrijk in te voeren zonder de grenskantoren de Poppe of Glanenbrugge aan te doen, mits geschiedende op zoodanige dagen der week, en onder zulke hyzendere maatregelen van toezicht, als welke daarvoor door het Departement van Fin. zullen worden vastgesteld.

1. Het hier volgende is weggelaten, als zijnde ingetrokken bij art. 5 van het Kon. besluit V. 1854, no. 150.