is toegevoegd aan je favorieten.

De Algemeene Wet over de heffing der rechten van in-, uit- en doorvoer en van de accijnzen, alsmede van het tonnegeld der zeeschepen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XIV. — Artt. 146—147. 3H

,J'a dc VrA^ gestfdt h?T&ocnt- Heeft de invoer plaats gehad ter zee, dan wordt hiermede bedoeld, de borgtocht, gesteld volgens art 145-

raeldf0Lef *.e ^aCht t0ch v5nd dit geval «een borgstelhng plaats.' Geschiedde de invoer langs de rivieren of te lande, dan wordt bedoeld de reeds aan het eerste kantoor gestelde borgtocht. Indien nu, in dit laatste geval de schipper, enz. het gevorderde bewijs niet kan afwachten dan kan toch zyn borgtocht worden vernietigd, indien hij de geladen

tt iïtï °nder b!Wa?nf Van den Ontvanger tot verzekering van het daarvan verschuldigde. Voor den zeeschipper behoefde deze bevoegd-

tïïti^a l? Ü1^' 0mdat hij ter eer8te wacht Seen borgtocht stelde terwijl de borgtocht volgens art. 145 door den aangever en dus niet door nem wordt gegeven.

2. Twee gevallen worden hier verondersteld:

le. dat de geconsigneerde, elders dan ter losplaats, voor den acciins wenscht te worden gedebiteerd ; accijns

2e dat de accijnsgoederen ten verbruike worden ingevoerd naar een plaats, verder dan de losplaats en volgens de bijzondere wetten de accijns moet worden betaald ter bestemmingsplaa^oodaJfte be paling komt m geen der bijzondere wetten voor ou<""ge ™

3. Zie hierbij aant. 4 op art. 51.

of^iiiUJli Mt00*hii invoer (2) en biJ uitvoer, onder afschrijving of restitutie (3), en verder wanneer zulks bij de tegenwoordige wet (4) of de bijzondere wetten is voorgeschreven, of tot verzekering van rechten en accijnzen noodig is (5), moet de hoeveelheid en qualiteit der goederen" worden opgemaakt door grondige verificatie, dat is, dat dezelve door Oen of meer ambtenaren, naar den aard der zaak, moeten worden gewogen gemeten, geroeid, geproefd of gekeurd (6—14). gewogen,

outdn^tiZ/T^r 0UteXp0rtatim! avec dédtaree ou restitution, ainsi que dans le cas ou, cela se trouve statué par la présente loi ou par les lois specuaes,ou que la süreté des droits et ie Vacc&e Vexigera, ü sera mocédé

LUn7Za*ïlCatl?n m tó*lZ' aura liet'par deulemployt,

dontun au moins sera expressément désigné d eet effet, et qui seront tenus selonla nature des marehandises, de les peser, mester, falger o^vS.

a}' ^oq8^^1 ^fewiizi8d overeenkomstig het bepaalde bii art 5 der wet 28 Dec. 1879, S. no. 250, V. v. V. no 70 (zie bijl. C)

laatste^H^06!1311^»-6 ?viCTen en ^ lande moet - v°lgens art. 40, laatste ud — de verificatie van accijnsgoederen altoos op de daar-

3. Verg. art. 67 en volgende, alsmede aant. 2 op art. 216.

4. Zie het laatste hd van art. 122 en art. 86 K. B.

„™ il°^enS ar\.147 heeft de Administratie de bevoegdheid om de hoeveelheid en quahteit van accijnsgoederen te doen opnemen waZeer

Tï^XmT* d8n aCC«nS n°°dig ^E^SbSTS.

311