is toegevoegd aan je favorieten.

Hypotheekrecht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

129

uit twee en niet uit één akte blijkt? Iets anders zou het natuurlijk zijn, indien het borderel niet het bedrag aangaf, gelijk het uit de beide akten blijkt, maar in dit opzicht was hier aan de wet geheel voldaan. Ons hypotheekrecht levert al zwarigheden genoeg op; door al te strenge wetsinterpretatie die zwarigheden nog te vermeerderen, schijnt ons met het belang van het publiek weinig te strooken".

In hooger beroep werd deze zaak onderworpen aan het oordeel van het Hof te Amsterdam, dat bij arrest van 26 Februari 18921 het vonnis der rechtbank vernietigde, overwegende „dat art. 1254 het den kooper van het bezwaarde perceel overlaat, al of niet de zuivering te vorderen, en volgens art. 551 Rv. de gerechtelijke rangregeling alleen kan verzocht worden, wanneer partijen zich niet hebben kunnen verstaan over de verdeeling der kooppenningen; dat nu een rechtsmiddel, waarvan de aanwending volkomen aan het goedvinden van partijen wordt overgelaten, niet is te beschouwen als de openbare orde te betreffen, maar enkel raakt het «belang van de daarbij betrokkenen, in casu den kooper en de hypothecaire crediteuren, die zelve hebben toe te zien, dat daarop geen inbreuk worde gemaakt. Waar noch dóór den kooper, noch door een der mede-crediteuren eenig bezwaar is gemaakt tegen de vordering van den eersten hypothecairen crediteur om batig gerangschikt te worden voor bedongen vergoeding wegens vervroegde aflossing, kan de rechter zich daartegen niet verzetten". Het arrest van het Hof maakt dus eigenlijk de hoofdzaak in deze niet uit, al bevat het wel de beslissing dat de betreffende bepalingen der wet niet van openbare orde zijn. Uit het bovenstaande blijkt echter, dat de hypotheeknemer verstandig zal doen de voorzichtige weg te bewandelen en de eventueel bedongen vergoeding voor vervroegde aflossing niet in een afzonderlijk reglement — en zeker niet in een onderhandsch reglement, doch in de hypotheekakte zelf op te nemen.

Behalve eventueele vergoeding voor vervroegde aflossing worden den debiteur bij aflossing zijner hypotheekschuld steeds kosten in rekening gebracht, als voor roiement, exploiten, enz. Ook deze kosten is de crediteur gerechtigd in 1 W. 6157, R. B. 742.

■y. Hierop, Hypotheekrecht. 9