is toegevoegd aan je favorieten.

Grantrechten in Deli

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

23

„van Sumatra geen behoefte bestaat". Had men toen kunnen weten welk een vlucht Deli in enkele tientallen jaren zou nemen, dan zou dat klaarblijkelijk ontbreken van behoefte aan hypotheek geen argument hebben mogen zijn.

De Resident had overeenkomstig het door zijn voorganger in 1885 opgesteld model voorgesteld te bepalen: dat „van den „overgang dier rechten en verplichtingen op derden steeds in „dat register (bij den Controleur) aanteekening (zal) gehouden „moeten worden, op straffe van nietigheid".

De Directeur Binnenlandsch Bestuur vond het niet aangaan, dat een overeenkomst nietig wordt verklaard, alleen omdat partijen verzuimen aan het Bestuur mededeeling te doen, dat zoodanige overeenkomst is aangegaan, en stelde de volgende redactie voor: „Bij overgang dier rechten en verplichtingen is „hij (de erfpachter) verplicht daarvan binnen een maand, onder „aanbieding der betrekkelijke akte, kennis te geven aan het „bestuur zijner woonplaats, dat de stukken opzendt naar het „Hoofd van Gewestelijk bestuur ter aanteekening in het register „en aan den voet der akte. De erfpachter verbeurt een boete „van hoogstens ƒ100. — (een honderd gulden) voor elke maand „of gedeelte daarvan, die bij in gebreke blijft aan die verplichting „te voldoen".

De Raad van Indië had echter bedenking tegen den gestelden termijn van kennisgeving en de op overschrijding daarvan gestelde boete, alsmede tegen de registratie uitsluitend bij den Resident. De strafbepaling werd onnoodig geacht, „omdat de „registratie geen wettelijk karakter draagt en alleen ten doel „heeft een overzicht te verkrijgen van den afstand van gronden „aan Europeanen en Vreemde Oosterlingen". „Het is het belang „van de eigenaars zelf, dat zij in de registers voorkomen, die „voor een ieder ter inzage liggen. Zorgen zij daar niet voor, dan „ondervinden zij ernstige belemmering wanneer zij zich van het „perceel willen ontdoen en loopen bovendien kans dat zij door „den betrokken vorst niet als zoodanig erkend worden". Ook achtte de Raad het eenvoudiger en beter, dat de Controleurs de registers aanhouden, elk voor zijn ressort,