Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

66

figuur, en vooral in den smartetrek op den mond der doode lag zooveel levensleed, dat de beschouwer ontroerd en tot in de ziel gegrepen, haast vergat te kritiseeren. •

Een andere beoordeelaar waagde de veronderstelling, dat niet alleen de kunst van den jongen Meester dit prachtig resultaat bereikt had, maar meer nog zijn hart, zijn diep en rijk gemoed, en besloot met de opmerking, dat het hem ongetwijfeld moeilijk zou vallen, nu zich zelf in een volgend werk, waar men reikhalzend naar uitzag, nog te overtreffen. In den grond der zaak echter waren er maar zeer weüiigen, die iets van het treurspel wisten, dat aan „Levensleed" het aanzijn had gegeven, en zij waren teer en bescheiden genoeg, om niets los te laten, hoe ijverig de pers ook zocht te weten te komen.

Binnen een week echter had toch een ijverig speurder ontdekt, dat fle schilder Weeldersma heette, en toen was er niet zoo heel veel speurzin toe noodig, om ook te weten te komen, dat zijn Vader kunstenaar was, althans geweest was. En toen iemand, na wat snuffelen, nog eens de afbeelding van het indertijd bekroonde werk van den Beeldhouwer Weeldersma te voorschijn haalde, toen besloot een ondernemend Uitgever, om fotografieën van de beide werken in den handel te brengen, en de uitstalkasten van Boek- en Kunsthandels etaleerden die beide foto's als pendanten, links: „Blik in de toekomst" en rechts: „Levensleed".

Flip zelf was alleen, een paar dagen voor de Tentoonstelling geopend was, gaan kijken. Daarna keek hij naar zijn werk niet meer om.

Zorgvuldig werd hij ervan op de hoogte gehouden wat de Pers zei; ook ontving hij de beide fotografische reproductie's, maar al de drukte, al de reclame, welke om zijn werk heen gemaakt werd, maakte hem bitter. Wat was dat alles voor die menschen,

Sluiten