Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Dus is het hun eigen schuld," vroeg Jo, die alles had aangehoord. „Dan vind ik het zoo erg niet"

„Zoo, jongetje, vind jij het zoo erg niet als een vader zijn geld niet meer ontvangt en nu maar moet zien, hoe hij aan den kost kan komen. Ik hoop voor jou, dat je niet nog eens ondervinden zult wat het beteekent werkloos te zijn en niets meer te verdienen. Het is haast net zoo erg, alsof je een ongeluk krijgt of zwaar ziek wordt."

Jo ging niet verder op die woorden in, maar wel bleef hij er over nadenken. Dat bleek wel den volgenden dag, een Zondag, toen hij 's avonds op de vereeniging Herman ontmoette.

„Zeg," zei hij, „blijf je nu nog hier op de vereeniging?"

„Ik," vroeg Herman verbaasd, „natuurlijk, waarom zou ik niet?"

„Och, ik dacht zóó: een dubbeltje in de week voor contributie is toch wel een heele uitgave."

89

Sluiten