is toegevoegd aan je favorieten.

Stadsgezichten en woonhuizen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

STADSGEZ. EN WOONH. (ZEELAND, N.-BRABANT EN LIMBURG) 7

booten de goede havens van Vlissingen negeeren en doorgaan naar Antwerpen, de groote Nederlandsche stad, waarover Brussel den scepter zwaait.

Goes heeft, als zoovele Zeeuwsche steden, met zijn haven gesukkeld; als havenstad is het thans van geen beteekenis meer, hoewel het door een kanaal zijn verbinding met de Ooster-Schelde bleef behouden. Maar als marktplaats van het vruchtbare Zuid-Beveland wist het vriendelijke provinciestadje zich staande te houden, en in den laatsten tijd weer in bloei toe te nemen. Een bijzonder mooie stad is ook Goes niet, al heeft het een flink ruim marktplein en enkele fraaie woonhuisgevels. Maar mede door de mooie kleederdracht van de omwonenden heeft het iets fleurigs, dat de meeste Zeeuwsche steden missen.

Fleurig is zeker niet Zierikzee, de grijze hoofdstad beooster-Schelde, die in de 14de en I5de eeuw een belangrijke koopstad was, maar tot een ingekrompen landstadje werd. Iets deftigs behield vooral de helaas gedeeltelijk gedempte oude haven. Enkele zeer oude huizen, maar vooral de drie eerwaardige stadspoorten, de geweldige romp van den St. Lievens Monstertoren en het Stadhuis met zijn sierlijken toren spreken sterk van het verleden van dit nog mooie maar half-doode stadje.

Brouwershaven en Tholen hebben ook betere tijden gekend; er is echter in die stadjes, behalve de kerken en stadhuizen, weinig overgebleven, dat aan die tijden herinnert. Iets dergelijks kan gezegd worden van het stille AardenburgK

Ook Sluis hield weinig over uit zijn bloeitijd; het voornaamste gedenkteeken van deze eens groote en vermaarde Vlaamsche zeehaven, wier nog bestaande vestingwal een omtrek van een uur gaans uitmaakt, is wel haar stadhuistoren. Sluis'trotsch kasteel werd gesloopt, zijn beide hoofdkerken — de prachtige St. Janskerk ging in 1811 in vlammen op — zijn verdwenen, zijn haven die meer dan 500 schepen kon bevatten, werd tot land. De verzanding van het Zwin en het verval van de moederstad Brugge brachten ook Sluis in verval. Wel bleef het eeuwen lang een sterke en gewichtige grensvesting, maar de vele belegeringen, die het als zoodanig moest doorstaan, hebben de verdwijning van veel oud schoon nog verhaast. Van de overige stadjes van ZeeuwschVlaanderen is vooral Hulst bezienswaardig, omdat het zijn groene vestingwomwalling bijna ongesohonden behield.

Dat laatste kan, jammer genoeg, niet gezegd worden van de meerderheid van Noord-Brabant's oude en sterke vestingen. Van de machtige vestingwerken van Bergen op Zoom (zoo geteisterd door belegeringen, vooral in 1747, dat er van oude huizenschoonheid weinig overbleef) is bijna niets behouden; ook Grave, Heusden, Klundert, Breda beroofden zich van wat voor hen een sieraad en merkwaardigheid had kunnen worden. Slechts enkele jaren geleden deed dat ook het Hollandsche Geertruidenberg, dat echter vooral in zijn ruime markt een groot sieraad bleef behouden. Heusden, oudtijds een bloeiende handelstad, maar blijkens 17de eeuwsche gevels ook later nog van beteekenis, vertoont het karakter van een oud-Hollandsche vestingstad, somber thans door doodsche rust. Behalve het kleine en betrekkelijk jeugdige Willemstad behield ook Woudrichem zijn groene omwalling; eenige hooge schilderachtige renaissance-gevels herinneren hier aan betere tijden.

Breda dankt zijn aantrekkingskracht hoofdzakelijk aan zijn bekoorlijke omgeving, 't Is niet een bijzonder mooie stad, al kan het prat gaan op eenige merkwaardige ge-