Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZONDAG XXVII. HOOFDSTUK Vi

39

vanzelf de voortzetting in de geslachten in zich sluit. Tot de kinderkens wordt in Efeze VI : 1 gezegd: „Gij kinderen, zijt uwen ouders gehoorzaam in den Heere", waaruit volgt, dat ook zij beschouwd worden als in Christus Jezus inzijnde, en leden des lichaams. En waar in Col. III : 20 mannen en vrouwen, ouders en kinderen, heeren en dienstknechten tot de vreeze Gods worden vermaand, worden allen saam, en dus ook de kinderen, vooraf in vers 12 toegesproken als „uitverkorenen Gods, heiligen en beminden". Ja, waar de heilige apostel aan de kerken schrijft, in wier boezem hij ook de kinderen afzonderlijk toespreekt, daar spreekt hij nochtans heel die kerk steeds aan als „heiligen en uitverkorenen".

Wie zijn kennisse niet uit eigen gissing of redeneering put, maar alleen aan de stellige openbaring van Gods Woord ontleent, moet dus wel toestemmen: 1<>. dat het Verbond Gods, wel van vorm veranderd is, maar in zijn wezen, ook onder het Nieuwe Testament voortbestaat; 2". dat ook in dit Nieuwe Verbond niet enkel de reeds belijdende personen, maar ook de kinderen mee begrepen zijn; en 3°. dat ook voor dit Verbond een teeken is ingesteld door de instelling van den Doop.

Hiermede zijn we er intusschen nog niet.

Zonder meer toch zou deze regel er toe leiden, om elk kind, waarvan kon aangetoond, dat één zijner voorouders ooit den Heere had beleden, voor een uitverkorene aan te zien en met den Doop te zegelen. Zoo zou dan in het tegenwoordig Europa alle levende ziel moeten gedoopt worden. Straks ook in Amerika. Bij voortgang van het zendingswerk ook in Australië, Azië en Afrika. En het einde zou zijn, dat ten laatste elk menschenkind reeds als kind des menschen gedoopt werd.

En dit nu kan niet, omdat door deze consequentie alle tegenstelling tusschen de kerk en de wereld zou wegvallen; en niet het genadewerk Gods, maar eenvoudig de geboorte uit een vrouw veronderstelling voor den Doop zou worden.

De vraag dient dus gesteld, hoe onder het Nieuw Verbond de band der geslachten dient beschouwd; en het is die vraag, die ons volgend hoofdstuk gaat beantwoorden.

Sluiten