Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

91

ARTIKEL 285.

Artikel 285.

Bedreiging met openlijk geweld met vereenigde krachten tegen personen of goederen, met eenig misdrijf waardoor de algemeene veiligheid van personen of goederen in gevaar wordt gebracht, met verkrachting, met feitelijke aanranding van de eerbaarheid, met eenig misdrijf tegen het leven gericht, met zware mishandeling of met brandstichting, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren.

Indien deze bedreiging schriftelijk en onder eene bepaalde voorwaarde geschiedt, wordt zij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren.

1. Sommige bedreigingen met zware misdrijven tasten de persoonlijke vrijheid dermate aan dat zij op zich zelf als misdrijven zijn aan te merken — aldus de memorie van toelichting. Men vindt diensvolgens in artikel 285 bedreigingen met bepaalde misdrijven strafbaar gesteld, onafhankelijk van eenig oogmerk, eenige hijbedoeling van den dader. Deze kan aan zijn bedreiging een voorwaarde verbinden, maar dat is geen element van het misdrijf, alleen wanneer hij het schriftelijk doet wordt volgens het tweede lid de straf verzwaard, en zulks wegens den grooteren indruk, de nader liggende opwekking van vrees, die èn de wijze van bedreiging èn de rechtstreeksche aanwijzing van hetgeen van den bedreigde verlangd wordt ten gevolge kan hebben.

Ook van eenig voornemen van den dader om aan zijn bedreiging uitvoering te geven behoeft niet te blijken.

2, De bedreiging. wordt strafbaar gesteld als misdrijf tegen de persoonlijke vrijheid; dit karakter komt het meest uit bij de bedreiging onder een bepaalde voorwaarde omdat daarbij de vervulling van de voorwaarde den bedreigde wordt opgedrongen, en deze door de bedreiging alzoo in zijn vrijheid van handelen belemmerd wordt.

Minder nauw is het verband tusschen een enkele bedreiging en de belemmering van de vrijheid; het geldt hierbij eigenlijk niet de vrijheid van handelen, maar de persoonlijke rust, het gevoel van veiligheid, die aangetast worden. Aan het begrip van persoonlijke vrijheid is hier een niet gewone uitbreiding gegeven.

Bedreiging is nu een misdrijf tegen de persoonlijke vrijheid, niet omdat die vrijheid werkelijk belemmerd is maar omdat zij belemmerd kan worden. Meer dan dit is feitelijk niet noodig, zooals de

Sluiten