Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BLOEMFONTEIN — BLUCHER

73

bloed ontvangt; zoo b.v. de spieren bij spierarbeid; de hersenen bij geestesarbeid; de maag na een maaltijd, enz. Is het bloed nergens in grootere hoeveelheid noodig, dan wordt het tijdelijk opgeborgen in bepaalde reservoirs; zulk een reservoir is de lever o.a.

Het bloed is het groote middel van vervoer in ons lichaam; vooreerst neemt het in de longen zuurstof op uit de lucht, die we inademen en brengt die zuurstof naar alle deelen van ons lichaam; daar neemt het koolzuur op en brengt dit koolzuur in de longen, waar het bij een uitademing ontsnapt. De ove» brenger van deze zuurstof en dit koolzuur is de roode bloedkleurstof in de roode bloedlichaampjes, het z.g. haemoglobine. Het bloed dat uit de longen komt, is 'rijk aan zuurstof, heeft een roode kleur, is . slagaderlijk; het bloed dat uit alle deelen van het lichaam naar de longen toestroomt, is arm aan zuurstof, rijk aan koolzuur, ziet wat blauwachtig, is aderlijk bloed.

En in de tweede plaats dient het bloed om voedingsstoffen op te nemen uit de darm en te brengen waar ze noodig zijn, hetzij voor groei, hetzij om het versletene en gebruikte weer aan te vullen. In ons maagdarmkanaal worden daarom alle voedingsstoffen zoo veranderd door de spijsvertering, dat ze in het bloed gemakkelijk opgenomen en er door vervoerd kunnen worden.

Staat het bloed stil, dan houdt het leven op door gebrek aan zuurstof; dit geldt voor het geheele lichaam, wanneer het hart ophoudt te werken en de dood intreedt; dit geldt vooreen lichaamsdeel, b.v. een been, wanneer een groot bloedvat verstopt raakt. Dan kan b.v. een voet tijdens het leven afsterven: koudvuur, gangreen.

Wanneer iemand een groot gedeelte van zijn bloed verliest, ontstaat er groot levensgevaar; houdt dit bloedverlies niet op, dan sterft zoo iemand; eerst wordt hij bewusteloos, omdat er te weinig bloed naar de hersenen stroomt en weldra wordt het zuurstofgebrek in de hersenen zoo groot, dat de dood intreedt. [ 38.

Bloemfontein. De hoofdstad van de provincie „Oranje Vrijstaat" van de Unie van Zuid-Afrika. De stad ligt op 750 mijlen afstand van Kaapstad en op 255 mijlen van Johannesburg. De stad heeft pl.m. 40.000 inwoners, waarvan 20.000 Europeanen zijn. In vroegere jaren was Bloemfontein de hoofdstad van de Vrijstaatsche Republiek. Daar hebben alle presidenten gewoond en daar is president Stein, de laatste uit de rij dier groote mannen, gestorven. Nabij de stad is het beroemde gedenkteeken voor de 22.000 gevallen vrouwen en kinderen in den oorlog 1899—1902. Thans is de stad de zetel van de Provinciale Raad, van het Hof van Appel, van de verdedigingsmacht en wegens haar centrale ligging worden daar de meeste vergaderingen gehouden. De Nederduitsche Gereformeerde Kerk en de Gereformeerde Kerk hebben daar elk een eigen kerkgebouw. Voorts is er een universiteitscollege, dat een goeden naam heeft. De stad heeft een aantrekkelijk klimaat. De gronden om de stad bevatten veel onbewerkte grondstoffen, zoodat Bloemfontein een centrum van fabriekswezen kan worden in de toekomst. [13.

Blok (P. J.), geboren 1855, overleden 1929; Nederlandsch historicus, opvolger van Fruin te Leiden in 1894, nadat hij in 1884 opgetreden was als hoogleeraar te Groningen. Hij deed veel voor de organisatie van het historisch onderzoek (b.v. het Nederlandsch Historisch Instituut te Rome, met medewerking van Dr Kuyper, toen Minister van Binnenlandsche Zaken), deed verschillende reizen, publiceerde veel uit binnenen buitenlandsche archieven. Zijn hoofdwerk is de Geschiedenis van het Nederlandsche volk, verder beschreef hij de geschiedenis eener Hollandsche Stad in de Middeleeuwen, onder Bourgondisch-Oostenrijksche heerschappij, onder de Republiek. Lieten de eerste hoofdstukken van zijn hoofdwerk vermoeden, dat hij meer den nadruk leggen zou op de oeconomische geschiedenis, in de volgende deelen komt hij steeds meer terug op het terrein der zuiver staatkundige geschiedenis om in het laatste daarin geheel op te gaan. Hij was overtuigd liberaal en liet dat in zijn onderwijs merken; vurig bewonderaar van Thorbecke heeft hij geen of weinig waardeering getoond voor Groen's beginselen in staatkunde en historie-beschrijving. [ 46.

Blücner, geboren 1742 te Rostock, de bekende maarschalk „Voorwaarts" uit de Napoleontische oorlogen. Oorspronkelijk in Zweedschen, ging hij in den zevenjarigen oorlog over in Pruislschen dienst. In zijn .jeugd had hij weinig onderwijs genoten, later heeft hij getracht dien achterstand in te halen, maar een wetenschappelijk gevormd veldheer werd hij niet. In 1772 nam hij ontslag uit het leger van Frederik den Groote. Vijftien jaren leefde hij als landedelman op zijn goederen in Pommeren, die hij wel militair, maar niettemin voortreffelijk bestuurde; in 1787 kwam hij weer in militairen dienst. Hij streed mee in den eersten coalitie-oorlog, werd in 1794 generaal; toen Pruisen in 1806 den oorlog aan Napoleon verklaard had, vocht hij bij Auerstadt, en moest hij ingesloten te Lfibeck, capituleeren. Na den vrede van Tikrit, 1807, werkte hij ijverig met Scharnhorst mede, ter reorganisatie van het Pruisische leger en verbetering der taktiek. Napoleon eischte zijn ontslag. In 1812, na diens nederlaag in Rusland, kwam Blücner in actieven dienst, en was de bezielde en bezielende vijand van den overweldiger, op wien hij de vernedering van zijn vaderland te wreken had. Hoewel 70 jaar oud, ontzag hij geen bezwaren. Bij Lützen sloeg hij er op los, maar kon geen stand houden; bij Bautzen behaalde hij meer succes, maar moest op de Oder terugtrekken, 18 Augustus 1813 sloeg hij de Franschen over de Bober terug, enkele dagen later (26 Augustus) behaalde hij de groote overwinning aan de Katzbach, hij vocht mee in den slag bij Leipzig, zette de Franschen na tot aan den Rijn. 1 Januari 1814 trok hij bij Kaub (waar een standbeeld van hem aan deze gebeurtenis herinnert) over den Rijn. Hij rukte op naar Parijs, maar werd door de besluiteloosheid der bondgenooten gehinderd; eerst 30 Maart bestormde hij de Montmartreen rukte hij Parijs binnen, alzoo den smaad van Napoleons intocht in Berlijn (1806) uitwisschend. Na diens terugkeer van Elba stelde de grijze . maarschalk zich weer aan 't hoofd der Pruisen,

Sluiten