Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

io

vaart, van troon en altaar enz., enz. Het communisme 1 Wat is het anders dan een zaak van dieven en moordenaars, het paradijs van bandieten en misdadigers en ook nog de droomerij van heele of halve gekken. Noem slechts de namen van Bolsjewisme en Bolsjewiek en het bewijs is geleverd 1!

Wie kan, wie durft hier iets tegen zeggen?

Intusschen is wel iets te vinden, dat, als tenminste dit koor van stemmen een oogenblik zwijgen kan en er voor denken weer plaats is, te denken geeft. Dit b.v. dat twee der meest beroemde kerkvaders uitspraken hebben gedaan zoo volslagen communistisch als maar den trouwsten volgeling van 'een Lenin of een Trotsky ooit in den mond kan worden gelegd. De eene is Tertullianüs, van wien het woord afkomstig is: „Wij christenen bezitten volgens ons hoogste recht (ik spatieer) alles gemeenschappelijk, behalve de vrouwen". Terwijl Ambrosius gezegd heeft: „De natuur schiep het recht van het gemeenschappelijk bezit; door geweld en usurpatie is daaruit het recht van het privaatbezit voortgekomen" (Polak, Beknopte geschiedenis der Staathuishoudkunde. W. B. blz. 34 v.).

Liever echter dan weg te schuilen achter twee wel stellig voorname mannen maar uit lang vervlogen tijden, beroep ik mij op mijn eigen ervaring. Deze dat, terwijl ik vroeger, al was het niet in die mate, geoordeeld heb als zij die het communisme thans veroordeelen, en ik meende dat wij als christenen hiertegen stelling moesten nemen, ik in dit opzicht geheel van meening ben veranderd. Dit is gebeurd door wat de oorlog mij geleerd heeft. Ik kan niet anders zeggen dan dat mijn oogen zijn opengegaan. Opengegaan waarvoor? Voor het bederf, de onzedelijkheid, de onhoudbaarheid, het door en door antichristelijke van de bestaande maatschappelijke orde. De innerlijke verdorvenheid kwam feller en brutaler voor den dag dan te voren. En terwijl wij, die helaas in dien dampkring zijn geboren en groot geworden, maar niet te veel letten op de rotte plekken, die er nu eenmaal waren en toch niet te genezen waren, en maar tevreden waren als de schijn werd bewaard, als het niet teveel naar buiten trad; die het niet zagen omdat wij het ook niet wilden zien, werd het nu toch zoo erg en zoo schaamteloos, dat eigenlijk iedereen er over klaagt.

Wat bleek, om het kort te zeggen? Dat het kapitalisme

Sluiten