is toegevoegd aan uw favorieten.

Drie oude Portugeesche verhandelingen over het Hindoeïsme

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

112

DRIE OUDE PORTUGEESCHE VERHANDELINGEN

hij had, bij 't begin van zijn regeering 1), altijd een teekening op zijn troon, waarop hij éen zijde van zijn lichaam legde, en als hij zich al een oogenblik naar den anderen kant wendde, dacht hij ieder uur en iedere minuut aan den Almachtigen God, zonder een oogenblik te verliezen, en bevond zich het lichaam in zijn ouden staat 2). In zijn Rijk betrachtte men niets dan waarheid, rede en gerechtigheid, en er was veel medelijden en menschlievendheid. Nog heden ten dage is dat zoo in dat Rijk, waar nu de Engelschen gekomen zijn, op zes maanden afstand hier van Goa 8). Deze Keizer had een dochter genaamd Zanaqui of ook wel Sita.

HOOFDSTUK LVII.

Dat Zanaqui of Sita uit het vuuroffer te voorschijn kwam, en waarom.

Een Koning, genaamd Padamacxa4), verrichtte een vuuroffer, omdat hij geen opvolger had. Uit de vlammen trad genoemde vrouw te voorschijn, die toenmaals Vedavaty heette. Kort daarna was er zooveel strijd tusschen de koningen, die tot de plechtigheid uitgenoodigd waren, dat genoemde koning Padamacxa daarin omkwam en ook zijn vrouw, terwijl zijn rijk geheel verwoest werd. Doch men bewaarde altijd dien brandstapel in denzelfden toestand, en daarin gemelde vrouw, die iederen keer wanneer ze wilde, er voor haar genoegen uitkwam.

1) em entrando a reinar beteekent misschien: „telkens als hij de audientie-zaal binnengetreden was om de staatszaken te behandelen".

2) Een vreemd en onbegrijpelijk verhaal! Iets wat er op gelijkt bij Rogerins (Opendeure, pag. 197, 198, volgens de pagineering der editio princeps).

3) Zoo staat er! Naar mij Prof. Niermeyer mededeelt, is de afstand van Goa tot de streek aan den Ganges, waar het oude MithilS lag, ongeveer 1800 K.M.

4) Padamacxa schijnt op padmaksa te wijzen, wat o.a. een naam van Visnu is. Volgens Ram. VII. 17 is ■ Vedavatï de dochter van Kusadhvaja. Door Ravana vergeweldadigd stort zij zich in "het vuur, met den wensch in eene volgende existentie de aanleiding tot Ravana's ondergang te zijn (als Sïta). Van de verdere in dit hoofdstuk gegeven détails weet het Ramayana niets.