is toegevoegd aan uw favorieten.

Verslag van de Staatscommissie ter Bevordering van de Personeelsvoorziening voor den Indischen Dienst

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

90

toevlucht tot de aanstelling van buitenlanders kan nemen, een voordeel, dat bij tal van andere diensttakken (onderwijs, rechterlijke macht, binnenlandsch bestuur, enz.) niet bestaat, maar aan den anderen kant brengen het economisch belang en de waardigheid van Nederland mede, dat de Staatsbetrekkingen in Indië, voor zooverre daartoe importkrachten onmisbaar zijn, door Nederlanders worden vervuld. Een verhouding als ten vorigen jare bestond, toen van de 86 uitgezonden ingenieurs niet minder dan 65 tot een vreemde nationaliteit behoorden, komt den Hollandschen naam inderdaad niet ten goede.

Daar komt nog iets anders bij. Het moge aan breede lagen der inheemsche bevolking van Indië tamelijk onverschillig zijn, of een spoorbaan, een rijweg, een stuwdam of welk werk ook, door een Nederlander of door een vreemdeling wordt aangelegd, wanneer die aanleg maar goed en goedkoop plaats heeft, voor den lageren technicus, die onder hoogere leiding werkt, is het beslist een nadeel, als die leiding een vreemde is. Hij toch heeft zijn vakkundige opleiding gewoonlijk uitsluitend van Nederlanders genoten, kent slechts Nederlandsche vaktermen, Nederlandsche constructies en Nederlandsche werkwijzen, die alle den buitenlander, vooral in de eerste jaren, volkomen vreemd zijn, zoodat de samenwerking dikwijls niet anders dan veel te wenschen meet overlaten.

Resumeerende vermeent onze Commissie, dat slechts wanneer alle aangegeven middelen tot bevordering van de toetreding van Nederlandsche technici tot den Indischen dienst mochten falen, eerst dan in het buitenland naar versterking van dat personeel mag worden gezocht.

§ 4. Het binnenlandsch bestuur.

Een detailpunt moge voorafgaan aan enkele opmerkingen van meer algemeenen aard. Het betreft de schadeloosstelling, die de ambtenaar ontvangt, die in en door den dienst wordt verminkt of verwond, en het wordt te dezer plaatse ter sprake gebracht, omdat iets dergelijks het meest bij de bestuursambtenaren voorkomt.

Het sporadisch voorkomen van gevallen als de bedoelde mag zeker wel als hoofdoorzaak worden beschouwd van het ontbreken van een vaste regeling dezer aangelegenheid. Waar zulke gevallen