is toegevoegd aan uw favorieten.

Het Rootland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Want voor een landman is het geen kleinigheid een paard te verhezen. Het bezwijken van een kalikoe, het verongelukken van een Hinken trekos zijn lastige oogenblikken, 't is waar; doch dan wordt terstond de slachter gehaald, het rund uitgebeld: medelijdend daagt het geboerte uit het omliggende met handdoeken en korven op, en door den band geraakt ook het laatste stukje verkocht uit prijzenswaardig wederkeerig dienstbetoon. Integengeel, sterft hem een paard, met rooi krijgt de getroffen landman, voor vleesch en huid en al, een spotprijs die nog het tiende der waarde niet vertegenwoordigt van het kostbaar weggevoerde dier...

Hadden ze hier aanvankelijk te zeer op de kosten gezien; nu ze voor haar leven duchtten, zouden zij alles gegeven en opgeofferd hebben om hun Lieze te redden.

Bleek en roerloos staarde Warden thans op de blootgeschuurde wonde. Het krijzelde om zijn hart en tandenknarsend vloekte hij zijn laffe, zuinigheid. Zijn zachte vrouw, met Joostjen op haren arm en de andere kinderen om haar heen, was ook in den stal getreden. Ze sprak woorden van troost, die ze zelf niet hoorde, kon evenwel de arme merrie en haar meester niet langer aanzien, en ging weer in de keuken een kaars ontsteken en bidden voor het beeld van Sint Antonius.

Kardoen had Silvie zeere, zeere, naar de

87