Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Maschourina bleef een oogenblik in nadenken

verzonken. . .. . 1

Neschzdanow moet het zien te krijgen, zeide zifhalf luid, als tot zichzelf sprekend.

„Daarvoor ben ik hier gekomen, merkte Ostrodoumow op. ,

„Heeft u den brief bij u," vroeg Maschourina

plotseling.

„Ja, wilt u hem lezen l

„Geef hem mij, of neen waarvoor. Wij kunnen hem later samen lezen." ,

U behoeft niet te twijfelen, ik spreek de waarheid," bromde Ostrodoumow.

„Ik twijfel er niet aan."

Beiden zwegen weer. Slechts de rookwolkjes baanden zich als voorheen een weg tusschen hun gesloten lippen en stegen in Hchte kronkelingen loven hun met zwaar haar bedekte hoofden.

In het portaal hoorde men het geschuivel van overschoenen.

„Daar is hij," fluisterde Maschourina. De deur werd even geopend en een hoold verscheen. Maar het was niet dat van Neschzdanow. «

Het was een rond hoofd, met zwarte borstelige haren, een breed, gerimpeld voorhoofd, bruine, levendige oogjes onder zware wenkbrauwen, een puntige wipneus en een kleine roode spotachtige mond. Set hoofd keek rond, knik*^begon te lachen, waarbij een groot aantal witte tandjes te zien kwamen en trad binnen.

Nu vertoonde zich ook een mager lichaam,

Sluiten