Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 8 —

verwerven is het sparen, gepaard aan een intelligente geldbelegging. Geld is als steenkool, rustende werkkracht, die bij belegging in een zaak tot werkende kracht wordt omgezet, gelijk steenkool in stoomketel en machine een arbeid verricht, die meer opbrengt dan de steenkool aan arbeid gekost heeft.

Hoe sterk wij dit kapitaal, dat zoogenaamd overtollig persoonlijk bezit voor een hoogeren algemeenen levensstandaard noodig hebben, kan blijken uit een voorbeeld dat wij aan den landbouw ontleenen.

Op een stuk heidegrond groeit uit zichzelf heide, eenige grassoorten en enkele boompjes, de grond geeft genoeg om bijen, eenige schapen en vogels te voeden. De boer woont in een schamele hut en werkt heel ongeregeld, soms heel weinig. Hij begint evenwel plantkuilen in de heide te maken en poot dennen, die na jaren hout leveren, dat de inkomsten vermeerdert, en de boer kan zich het een en ander aanschaffen. De grond kreeg aan arbeid meer dan hij noodig had. Ten slotte komt de bekwame landbouwer, deze werkt denzelfden grond om, vult de aarde met allerhande stoffen en doordringt den grond ook met het werk van zijn arbeiders, hem zoodoende veel meer gevend dan hij noodig heeft. Doch de resultaten zijn opvallend, de eerste boer krijgt meer aan pacht, de tweede landbouwer oogst niet alleen zelf de rijke voortbrengselen, maar velen in de omgeving hebben gelegenheid goede gaven voor mond, maag en lichaam te genieten. Hoe zou de grond dien rijken oogst kunnen geven, zonder dat hij veel meer kreeg dan hij noodig had voor het natuurlijke leven en hoe kan de landbouwer dezen grond mesten en omwerken, indien hij niet veel meer heeft dan hem noodig is voor het „menschwaardig bestaan", indien hij niet als persoonlijk belanghebbende door zuinigheid, wilskracht en gave in staat is tot „overhouden". Die gave, die zuinigheid en die wilskracht bezit lang niet iedereen.

Hieruit blijkt de politieke zelfmoord, die plaats heeft wanneer men het vormen van kapitaal tegengaat door belastingen en anderszins, of door de bevordering van een gering kindertal (arbeiders in den algemeenen zin), waarbij de ouders meer naar verzekerdheid en genot jagen dan naar vermeerdering der algemeene welvaart. Door de belasting op het kapitaal onttrekt men mest aan den vaderlandschen kuituurbodem,

Sluiten