Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

twee richtingen onderschelden. Zoo werd voorgehouden, dat de uitteraard progressieve rijksinkomsten- en vermogensbelasting, ook de progressie door den oorlogstoestand te weeg geroepen, voldoende trof, m. a. w. men achtte deze normale progressie in de bestaande belasting, in overeenstemming zelfs met de plotseling ingetreden inkomsten — resp. vermogensvermeerdering. Dit argument kan zich onmogelijk staande houden tegenover de overweging, dat, terwijl een normale inkomsten- resp. vermogensvergrooting noodzakelijk te danken is aan de vlijt en intelligentie van den betroffene, geldt het hier een bate die eigenlijk alleen aan den oorlog te danken is, m. a. w. een toevallige. Zij is o. a. in 't leven geroepen door een toevallige verhooging van de verkoopswaarde van verschillende artikelen voor zooverre deze niet is veroorzaakt door een kunstmatige prijsopdrijving die deze omstandigheden hebben mogelijk gemaakt.

Daarnaast zijn er belangrijke winsten gemaakt in bedrijven, die uitsluitend ten dienste van den oorlogstoestand zijn gewijzigd of opgericht.

Dergelijke bijzondere toestanden vallen niet binnen het bereik van een normale belasting, eischen dus ook een bijzondere regeling.

We mogen dus wel degelijk eischen, dat zij, die juist daardoor in hooge mate bevoordeeld zijn, ook in de eerste plaats dienen bij te dragen tot verlichting van de bijzondere lasten den Staat opgelegd.

Behalve critiek op den inhoud, werd meer in 't bijzonder den vorm aangevallen. Minister Treub had zich n.1. voorgesteld door tijdelijke heffing van uitvoerrechten, deze extragelden te innen. Men bracht terecht hier tegen in, dat door deze heffing niet speciaal de oorlogswinstmakers getroffen zouden worden. Dit blijkt b.v. ook daaruit, dat, behalve door uitvoer, ook door invoer oorlogswinst is gemaakt, terwijl de door speculatie en door prijsopdrijving *) verkregene, hier geheel

,t) In „De Telegraaf" van 17 Juni 1915 Avondblad wordt er onder het hoofd .Oorlogstoestand" opgewezen hoe de zeep- en lijnolieprijzen de hoogte in zijn gedreven, terwijl er in Januari—eind April 1915 374(05,000 K G. lijnolie door Engeland in Nederland

8

Sluiten