Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIJFTIENHONDERDGEMETENPOLDER

455

schippers te betalen hadden"; en reeds in een charter van 4213, toen een Vijftienhonderd gemeten of Nieuw-Schakerloo hoogstwaarschijnlijk nog niet bestond, en dus de vaart van Schakerloo naar de Heenetrecht nog open was, wordt dan ook nog zoowel van een Tol op de Schelde, als van een op de Striene, gewag gemaakt, (a)

Over een aanzienlijke lengte lag de polder aanvankelijk aan zee. Maar door gevolgde aandijkingen kwam daarin groote verandering. Langs den zuidkant viel de waterkeering vroegtijdig droog; want een gedeeltelijke indijking van de Striene is na het ontstaan van de Vijftienhonderdgemeten niet lang meer uitgebleven. Van daar ook een zoo vroeg vervallen toestand van den aan dien kant opgeworpen dijk, waarvan zeker vak in het begin der XVe eeuw, reeds als Lutleldijk stond bekend, (b) Aan den noordkant ging de zeedijk stuksgewijze in binnendijk over; het daar eerst drooggevallene was een gedeelte voor den Dalempolder, en het laatstelijk daar aan de zee onttrokken*, ontstond voor den polder Oud-Vossemeer.

Aan den zuidoostkant vielen door de aanwinsten van de Vrouw-Delia, Deurloo en Altekleinpolders, ook min of . meer belangrijke stukken droog; doch iets verder op langs de Eendracht, ontstonden geen voorpolders, als gevolg waarvan de dijk daar zelfs ook heden nog door het water wordt bespoeld.

De buitengronden langs den noordoostelijken dijk waren, zooals reeds is gezegd, tijden achtereen bekend onder den nftam van „Vriezendijksche moeren'" terwijl de iets hooger op gelegene, langs het noordelijke dijkvak, en welke later ook den Bartelmeetpolder hebben opgeleverd, als de „Gemeene weyde" worden vermeld.

Van grooten invloed is deze bedijking geweest op de daardoor afgedamde stroomen en de daaraan palende gronden. Zoowel de zuidelijke uitloop der Striene, als het noordelijke gedeelte ven den Vosvliet, kwamen daardoor tot verloop, en als gevolg waarvan belangrijke aanwas ontstond.

Ca) Zie voor wat betreft de Striene ook bladzijde 394. (»;| ƒ. Ermerim. Beechrijving van Tholee. Deel VIII Wadi.

Sluiten