is toegevoegd aan uw favorieten.

Wegwijzer voor de binnenscheepvaart

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

510

Bij standen onder K.P. bedragen deze snelheden respectievelijk 35, 40, 50, 65 en 85 M.

Op het kanaalvak bezuiden K.M. 2 mag de snelheid nooit meer dan 50 M. in de minuut bedragen.

De westelijke kanaaldijk mag niet als jaagpad worden gebezigd.

Meer dan twee vaartuigen mogen niet worden gesleept. Geen sluis-, brug- of kanaalrechten.

Afstandstabel.

Afstand in ILigging.] , KM. uit het beginpunt.

0,0 O. Vaargeul in den Geldersehen IJssel (41); 1 K.M. beneden het Dierensche kabelpontveer.

0,0 Voorlwwen der Diercnschesluis. Vaar

tuigen mogen niet langer vertoeven dan noodig is om geschut te worden of de haven te verlaten. 0,15 • Dierenschesluls, met 3 schutkolken

achter elkaar.

K.P. = 13,21 M. 4- N.A.P.; laagste stand 0,70 M. lager.

M.R. op den IJssel beneden de sluis = 6,00 M. 4- N.A.P.; normaal laag water süt 5,40 M. 4- N. A. P. Laagste stand == 3,96 M. 4- N.A.P.; benedenslagdorpel = 2,79 M. 4- N. A. P., I bovenslagdorpel = 11,09 M. -j-j N. A. P. De vorm der schutkolkvloer is oorzaak dat bij waterstanden beneden 5,00 M. 4N. A. P. zeer breede schepen moeilijk te schutten zijn.

Niet geschut wordt van 1 uur na zonsondergang, tot . 1 uur vóór zonsopgang.

0 2 Dierensche brug (dr.) bij Dieeen.

0 8 Los- en laadkade.

0 5 Keerplaats bij de spoorbrug; breed 50 M.

Los- en laadplaats.

Afstand in ILigging,

-K..M. uit net beginpunt.