is toegevoegd aan uw favorieten.

Leidraad voor de Rotterdamsche meisjes bij de keuze van een beroep

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

117

Opmerking. Kosteressen worden in verschillende kerkgenootschappen — in Remonstrantsche, Doopsgezinde en Ëvang. Luth., misschien ook in Herv. Gem. — aangesteld

5. Toiletjuffrouw.

Bezoldiging: aan stations ons onbekend; in treinen, bijv. van Amsterdam naar Emmerich, ƒ1.50 per reis heen en terug. De toiletjuffrouw moet 7 maal in de 14 dagen dienst doen, verdient dus ± ƒ21 per maand, waarschijnlijk met den kost; in café's ± ƒ6. p. w.

6. Badvrouw.

Bezoldiging : te Scheveningen gedurende de maanden van het seizoen: ƒ8.75 per week, benevens de fooien, die onder de badvrouwen verdeeld worden en ongeveer ƒ2.50 per week bedragen.

7. Garderobe-bewaarster.

Bezoldiging: soms ƒ0.50 per voorstelling; soms ± ƒ15 per mnd, en meer dan het dubbele soms er bij aan emolumenten.

8. Werkvrouw.

Bezoldiging: ƒ0.80—ƒ1 per dag, met den kost.

9. Kamerverhuurster of pensionhoudster.

Inkomen: evenals bij alle commercieele ondernemingen, wisselend naar omstandigheden.

Opmerking. Wij wijzen op de vakorganisatie „Ned. Ver. van Huisvrouwen."

10. Assistente bij een geneesheer of aan een polikliniek.

Bezoldiging: veelal zeer gering, ƒ 15 a ƒ 20 per maand, terwijl dikwijls in 't geheel geen honorarium wordt uitgekeerd.

11. Administratrice (van ziekenfondsen, begrafenis¬

fondsen, vereenigingen of instellingen van philanthropischen of maatschappelijke» aard).