Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6

2. Hij voedt de musschen op het dak, De vogelen op twijg en tak;

Hij siert het veld met bloem en plant Uit Zijne milde Vaderhand.

3. Eén haar valt van mijn hoofdje niet, Of 't is naar Zijnen wil geschied; Hij kent mijn zitten en mijn staan, Mijn nederliggen en mijn gaan.

4. 0 Heer! die mij zoo trouw behoedt, Geef mij een hartje zacht en goed; Maak als de eng'len mij zoo vroom, Opdat ik nader tot U koom'!

Uit: „Vlindervlucht", 12 Kinderliederen met pianobegeleiding.

Jac. v. Rénnes, Utrecht. Woorden uit den Kinderzangburidel van A. ,1. Hoogenbirk.

Joh. de Heer, Rotterdam.

6. De Heer is mijn

1. De Heer is mijn Herder! 'k Heb al wat mij lust; Hij zal mij geleiden Naar grazige weiden. Hij voert mij al zaehtkens Aan waat'ren der rust.

6. De Heer is mijn Herder (Psalm 23).

1. De Heer is mijn Herder! 3. De Heer is mijn Herder! 'k Heb al wat mij lust; Al dreigt ook het graf

Hij zal mij geleiden Met grimmige kaken,

Naar grazige weiden. Geen schrik zal mij naken.

Hij voert mij al zaehtkens O Heer! mij vertroosten Aan waat'ren der rust. Uw stok en Uw staf.

2. De Heer is mijn Herder! 4. De Heer is. mijn Herder! Hij waakt voor mijn ziel; In 't hart der woestijn

Hij brengt mij op wegen Verkwikken en laven

Van goedheid en zegen. Zijn hemelsche gaven.

Hijschraagtm',alsikwankel; j Hij wil mij versterken

Hij draagt m', als ik viel. | Met brood en met wijn.

5. De Heer is mijn Herder!

Hem blijv' ik gewijd; 'k Zal immer verkeeren In 't huis mijnes Heéren. Zoo kroont met haar zegen

Zijn liefde m' altijd.

2. De Heer is mijn Herder! 4. De Heer is. mijn Herder!

Sluiten