is toegevoegd aan uw favorieten.

De Kleeding der Surinaamsche bevolkingsgroepen in verband met aard en gewoonten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i8

met die van dezelfde klasse uit hun eigen land, kan de gelegenheidskleding van de*in Suriname verblijvende Javanen niet op een hjn worden gesteld met die welke men vooral op feestdagen ziet in de Vorstenlanden of in dfe Preanger. Wat echter den aard aangaat der kleederdracht, moge die der Britsch-Indiërs, vooral de veelkleurige vrouwengewaden met de bekoorlijke sari, romantischer, voor velen aantrekkelijker en mogelijk schilderachtiger zijn dan die van het Javaansche volk, toch is ongetwijfeld de ingetogen kleedingwijze van den gegoeden Javaan stijlvoller. De oorspronkelijke vormen zijner sieraden getuigen van een ontwikkelder edelsmeedkunst; de symbolischdecoratieve arabasken en de gestileerde dier- en plantmotieven, waarmee hij zijn kleeding beteekent, spreken van een verfijnder smaak en de nergens ter wereld voorkomende sublieme kleursamenstellingen van zijn batiks, wijzen op een ongeëvenaarden overgeërfden kunstzin.

Zijn waardigheidsgevoel en zijn eerbied voor den vormendienst, zijn zinnelijkheid en bedachtzaamheid, waren zeer gewis factoren die samenwerkten met den vroegeren, buitengewoon ontwikkelden kunstaanleg, en de zoo eigen, voorname kleurfantasieën deden ontstaan op de zich door een eigen sierstijl kenmerkende batiks van midden Java. IJdel zijn de Javanen en de Javaansche vrouwen buiten kwestie, maar die ijdelheid uit zich in de kleeding nimmer door overdreven vormen zooals bij de negerbevolking, noch door overdaad, zooals bij de welgestelde Britsch Indische koelie vrouwen. Het zijn de zachtaardigheid en de schroomvalhgheid van het Javaansche volk, die in deze remmend werken.

Suriname's kleine bevolking, verdeeld in tal van merkwaardige groepen, geeft alzoo, door de talrijke kleedingwijzen, den vreemdeling een verrassenden indruk. Vooral op feestdagen, wanneer het ruime Gouvernementsplein het algemeen rendezvous vormt en daar onder de rossige stralen van den laten middagzon een blij-bonte menigte wemelt van al de rassen in hun fraaiste kleedij, zijn de oogen nimmer moe gekeken.

Men heeft plezier in de prodo makende, coquette kottomisi's die in rijtjes van drie of vier, in cadanseerend heupwiegen, geaffecteerd draaien met de stijf-bolle rokken terwijl zij vroolijk kakelend door de dichte menigte gaan. Men gunt het de manne-