Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

aan hem zou toevertrouwen en haar lot in zijn handen leggen.

Het was een vreemd huwelijksaanzoek, geheel anders dan zij het zich in haar jongemeisjes droomen had gedacht! De woorden, waarin hij het inkleedde, staan nog heden in haar geheugen gegrift.

„Ik ben een oude man, Marie, ik ben bijna zestig jaar, ik kan mij niet meer verplaatsen in de sfeer, waarin jij met je acht en twintig jaar leeft; wil je echter bij hetgeen ik je te zeggen heb op den voorgrond stellen, dat ik het goed met je meen en gaarne zou zien, dat je mij met volkomen openhartigheid antwoordt op mijn vragen ? Je vader heeft, meer dan je waarschijnlijk vermoed hebt, getobd over je toekomst, over wat er van je worden moest na zijn dood; in een vertrouwelijk oogenblik sprak hij daarover met mij; hij verweet zich, dat hij, door je altijd bij zich te houden, je de gelegenheid ontnomen had, je eigen brood te leeren verdienen. „Ze heeft geen jeugd gekend, geen zon," zoo klaagde hij zichzelf aan, „en ook na mijn dood zal de vloek van mijn egoisme haar blijven drukken."

Snikkend hoorde ze hem aan, vol medelijden

Sluiten