is toegevoegd aan uw favorieten.

Studiën en aanteekeningen over Nederlandsche politiek (1909-1919)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

CONGRES TE ZWOLLE.

107

uit, of gelijk de liberalen verlangden, na den val van het katholieke kabinet al dan niet een liberaal-socialistisch kabinet had op te treden. Ware de meerderheid aan de partijen van aanval verbleven, een congres der arbeiderspartij zou de vraag hebben moeten beslissen, en met groote bezorgheid werd dat congres door de leiders tegemoet gezien. Het is nimmer bijeengekomen, daar, tegen de verwachting, bij de verkiezingen de katholieke partij niet in de minderheid werd gebracht.

Toen in Juli van dit jaar, na het ontslag van Gesjof, Tsaar Ferdinand, vóór zich te wagen aan het hem zoo slecht bekomen avontuur tegen de gewezen bondgenooten, een ministerie uit alle partijen met de verantwoordelijkheid voor dien onverhoedschen aanval wilde belasten, wendde hij zich ook tot de socialisten, die zich aan mede-verantwoordelijkheid door hunne weigering onttrokken hebben.

Een meer normaal geval, dat met het Nederlandsche overeenkomst vertoont, heeft zich dezen zomer voorgedaan in Denemarken. De koning heeft er zich tot de sociaal-democratie gewend omdat hare deelneming aan een linker-combinatie de eenige mogelijkheid schiep die nog overbleef tot de vorming van een kabinet van eenigen levensduur. De Deensche partij gold voor zeer revisionistisch gezind, maar heeft niettemin geweigerd.

Al deze beslissingen zijn genomen in gehoorzaamheid aan de uitspraak van het internationale socialistische congres te Amsterdam in 1904, dat de crisis in het Fransche socialisme had te bezweren; — en een partij, die nog aan het alleenzaligmakend karakter van den klassestrijd gelooft, zal moeilijk tot een andere beslissing kunnen komen, en zoo zij toch het doet, zal er ongetwijfeld een nieuwe partij verrijzen die de traditiën der oude voortzet. Het is dit voorgevoel van scheuring en afscheiding dat voorzeker ook het Nederlandsche partijbestuur verhinderd heeft, aan de stem der heeren Schaper en Vliegen gehoor te geven, en de houding der groote afdeelingen als Amsterdam, Rotterdam, den Haag, Utrecht, waar de geschoolde socialisten worden gevonden, de intellectueele kracht der partij, toont genoegzaam aan dat zulk een scheuring ook in Nederiand niet zou zijn uitgebleven. De socialistische rechtzinnigheid heeft gezegevierd over de neigingen van politiek aangelegde volksvertegenwoordigers, die zeer goed beseffen dat zij niet alleen door overtuigde socialisten zijn gekozen,