is toegevoegd aan uw favorieten.

De glorierijke verschijning van Christus

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Mattheüs 24:45-47. 97

om hun ter rechter tijd het noodige voedsel te verstrekken. Wanneer nu de Heere bij Zijne terugkeer vindt, dat Zijn knecht zijn plicht trouw heeft vervuld, maakt Hij hem tot een' heer over al Zijne goederen. Toen de Heiland „in een vérgelegen land reisde" namelijk, het huis Zijns Vaders in den hemel, om daar „voor zichzelven een koninkrijk te ontvangen", zette Hij Zijne knechten over Zijn huis." x) Aan deze knechten gaf Hij bij Zijn heengaan de noodige gaven des Heiligen Geestes, opdat ze hunne opdracht recht zouden kunnen vervullen.2) Zij moesten de kudde des Heeren weiden, die Hij door Zijn bloed zoo duur had gekocht, en als trouwe herders en opzieners over haar waken.3) Op hen rust de plicht over zielen te waken, „als die rekenschap zullen geven".4) Ter rechter tijd moesten de herders van Christus de rechte spijze aan hunne kudde geven, namelijk, het brood des levens." 5)

Waar nu de wederkomst des Heeren voor de deur is, bestaat de rechte spijze daarin, dat de knechten des Heeren het Evangelie des koninkrijks prediken.6) In dén'tijd van het einde moeten zij al het licht, dat de Heere in het profetisch woord voor dezen tijd heeft bewaard, aan de wereld brengen, en de menschen met allen ernst vermanen, om den Heere te zoeken, opdat zij met het oog op de aanstaande ernstige gebeurtenissen de volheid des Geestes mogen ontvangen. Ja, zij moeten met luide stem over de geheele wereld de plechtige boodschap van Openb. 14:6-12 verkondigen, de boodschap,, die voor dezen tijd bestemd is en waardoor een volk moet worden voorbereid, dat geduld oefent, de geboden Gods onderhoudt en het geloof van Jezus heeft. Welke heilige roeping de wachters Israëls in den tijd van het einde hebben te ver vullen, blijkt uit de volgende woorden:

„Menschenkind! spreek tot de kinderen uws volks, en zeg tot hen: Wanneer Ik het zwaard over eenig land breng, en het volk des lands eenen man uit hunne einden nemen, en dien voor zich tot eenen wachter stellen; en hij het zwaard ziet komen over het land, en blaast met de bazuin, en waarschuwd het volk; en een, die het geluid der bazuin hoort, wel hoort, maar zich niet laat waarschuwen; en het zwaard komt,

") Hebr. 3:6; Matt. 25:14; Luk. 19:12, 13. ») Efeze 4:13.

•) Hand. 20; 28 *) Hebr. 13:17. 6) 2 Tim. 4:2. «) Matt. 24:14.

7