is toegevoegd aan uw favorieten.

Willem Wijcherts

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

114

in den strijd, zijn hand omklemde nog krampachtig het groote slagzwaard.

Toen kwam een jong krijgsman voorbij rennen, blootshoofds en zichtbaar afgemat, 't Was een knaap nog. Zie, in alle richtingen zochten de vluchtelingen een goed heenkomen.

■ Vluchten is het behoud, dralen is de dood!

Zacht kermde de zwaargewonde.

De knaap hoorde het. Hij rende verder, toch — even stond hij stil. »Red je zelf!« zei een stem in zijn binnenste. «Help je naaste!« fluisterde een andere stem. De knaap weifelde. Toen schudde hij het ver* hitte "hoofd, als wilde hij die eerste stem het zwijgen opleggen en — 't gelukte.

Met een paar sprongen was hij bij den ongelukkige. Wat te doen? Ginds over de velden nadert de vijand. Vlug! Vlug! als je leven je lief is.

Met inspanning van al zijn krachten sjort de knaap het doode paard een eindweegs ter zijde. De gewonde schijnt verlicht adem te halen.

Dan slaat de knaap de vizierklep van den ongelukkige op, om hem meer lucht te geven... »01«...

Naast Blois van Treslong knielt Willem Wijcherts.

De fiere moed van »'t kleine hoopken« dapperen was beschaamd. Alva's sterke krijgsmacht had het vernietigd.

Met een wanhopig «Nu of nooit« hadden de geuzen de Spaansche benden aangevallen, moedig waren zij den dood ingegaan... Alva's geoefende, oude soldaten hadden wraak genomen voor Heiligerlee, bittere wraak. Wanhopig hadden Lodewijks getrouwen gestreden, eindelijk waren zij gevlucht; en hun vlucht was geen eerlooze, immers zou langere tegenstand zelfmoord zijn geweest...

De Spanjaarden vervolgden hen... «Heiligerlee! Heiligerlee!«

Willem Wijcherts keek angstig rond. Elk oogen* blik dralen bracht hem nader bij een wissen dood.