Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

vertoonen van hetgeen orts te wachten staat, maar daartoe acht ik mij niet bevoegd. Gesteld, dat ik heden verplicht was, een tipje op te lichten van den zwaren sluier, die de naaste toekomst 'voor ons bedekt, dan zou bij het licht, waarover ik beschik, niet veel meer te onderscheiden zijn dan in het duister gehulde chaos, zooals waarvan Genesis bij het begin der schepping gewag maakt. Zulk een vaag, ontmoedigend beeld past bij een gedenkdag als deze niet.

Wanneer heden en toekomst ons somber dreigen te stemmen, vinden wij vaak troost in een blik van herinnering' op hetgeen vroeger was. Zoo mogen wij dan, waar men ons angstwekkende rassenproblemen als de levensvragen voor de huidige menschheid voorhoudt, eenige bemoediging ontleenen aan de geschiedenis, die ons leert, dat er ook in het verleden rassenquaesties zijn geweest en dat zij niet altijd geheel onopgelost zijn gebleven.

Mijne lantaren is in 't bijzonder op de wereld van den Islam ingericht; dus mag ik wel uwe aandacht vragen voor eene korte schets van de houding, die het stelsel van den Islam, dat sedert meer dan dertien l eeuwen honderden millioenen menschen van drie werelddeelen tot levensideaal heeft gestrekt, ten opzichte van de rassenquaestie heeft ingenomen. Mijne rede wordt dan vanzelf tevens eene eerbiedige hulde aan de nagedachtenis van mijn onlangs ontslapen vriend Ignaz Goldziher, den Hongaarschen grootmeester der Islamwetenschap, wiens essais juist ook over dit onderwerp1) tot de schitterendste resultaten van zijn arbeid behooren.

Een paar opmerkingen behooren aan die schets vooraf te gaan. Het systeem van den Islam, men houde dit steeds in het oog, verhoudt zich tot Mo-

i) Vooral in „Muhammedanische Studiën", Erster Theil Halle a S i ZDMG., Deel Uil, p. 601—620, enz.

Sluiten