is toegevoegd aan uw favorieten.

Handelingen en bijlagen van de beide Kamers der Staten-Generaal betreffende het ontwerp van wet tot afsluiting en droogmaking van de Zuiderzee, benevens de tekst dier wet en van de wet tot instelling van een fonds ten behoeve van de afsluiting en droogmaking van de Zuiderzee

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

103

het belang der Zuiderzee-visschersbevolking, welke, ingevolge artikel 3 van het wetsontwerp, een tegemoetkoming zal ontvangen wegens de schade, welke de afsluiting haar zal berokkenen. Uit de toelichting blijkt niet, of hier aan de visschersbevolking in engeren zin is gedacht, d. w. z. uitsluitend aan personen, die aan de visscherij deelnemen, dan wel ook aan hen, die indirect van de visscherij bestaan; men denke aan scheepsbouwers, kuipers enz. Gaarne zou men hieromtrent nader worden ingelicht.

Vrij algemeen oordeelde men de opheffing van de Zuiderzeevisscherij niet een belang, dat bij de beoordeeling der zaak gewicht in de schaal legt. De daarbij werkzame personen verdienen in het algemeen weinig; worden zij behoorlijk schadeloos gesteld, dan zullen zij het verdwijnen van het bedrijf niet behoeven te betreuren.

Intusschen vroegen enkele leden, of de Regeering niet reeds eenig meer licht kan geven omtrent de wijze, waarop bij de regeling dezer aangelegenheid te werk zal worden gegaan. In de toelichting wordt in de eerste plaats gesproken over het verschaffen aan de visschers van vaartuigen, geschikt en uitgerust voor de visscherij op de Noordzee. Men meende, dat dezen visschers dan toch in de eerste plaats een andere woonplaats, en wel aan de Noordzee, zou moeten worden gegeven en zou gaarne vernemen, wat de Regeering in dit opzicht voornemens is te doen.

Over de toe te kennen schadeloosstellingen, met welker uitkeering, naar het op bladz. 13 ') der toelichting voorkomende plan, in het zesde jaar zal worden begonnen, zal het advies van een deskundige commissie worden ingewonnen. Men had van dit plan met voldoening kennis genomen; enkele leden wenschten er op aan te dringen, dat in die commissie vooral ook personen worden opgenomen, die zelf in het bedrijf werkzaam zijn. Overigens meenden zij, dat er aanleiding bestaat, deze commissie na het tot stand komen der wet reeds spoedig in te stellen; zij kan zich dan in de eerste plaats bezig houden met een herziening van de raming der kosten van de in het belang der visschers te nemen maatregelen. Naar de meening dezer leden zal de tot f6 millioen verhoogde raming blijken belangrijk te laag te zijn.

Andere leden verklaarden het vertrouwen te koesteren, dat deze

1) (Zie blz. 33 dezer uitgave).