Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6

blik! waarop het moordend buskruit ontvlamde en door zijne verbazende uitwerkselen eensklaps onze harten vervulde met schrik en onze stad met ellende! Een vreesselgk vuur deed onze oogen schemeren — een ijsselijk geluid vervulde onze ooren, en, wij wisten niet, of dat vuur van den hemel was afgezonden, dan, of de afgrond met dat krakend geweld ware opengebarsten. Velen duchteden en dachten, dat die dag gekomen was, waarop de hemelen met gedruisch zullen voorbij gaan en de elementen brandende zullen smelten en vergaan. Uit die pijnlijke onzekerheid wierden eenigen niet verlost voordat zij in den spaden avond vernamen, wat er gebeurd ware. o Donkere nacht, die op dien schrikbarenden avond volgde! Stikdonkere nacht! alleen verlicht door de vlam des brands van onderscheidene woningen en het geflikker der toortsen, om ons een flaauw en treurig gezigt te geven van onze deerlijke puinhoopen en van het wegdragen der verwonden en verpletterden: wijl de lucht vervuld wierd met het aanhoudend geroep van brand, het geklep der noodklokken, het geraas der trommelen, het gekerm der gekwetsten en het huilend gejammer dier radeloozen, die de hunne vermisten en wanhopig zochten. Welk een duldeloos verlangen was er naar den morgen, even of met den dageraad het licht voor ons verrijzen zoude! Dan, helaas! het was geen licht van troost, maar van treurigheid en weedom. De schemerende dageraad vertoonde ons op de schouwplaats der verwoesting eene geheele omkeering van een schoon gedeelte onzer Stad, welks puinhoopen nog róókten en eenige onzer vrienden en bekenden dood of levende bedolven hielden. Het klimmend licht , des daags vermeerderde slechts onze smarten, door ons het uitgebreide der

Sluiten