is toegevoegd aan uw favorieten.

Het houtsnijwerk in Nederland tijdens de Gothiek en de Renaissance

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK IX.

DE KISTEN.

§44. De bewaarplaatsen voor altaargereedschappen, kleederen en akten. (Pl. 69—70.)

De kerk heeft altijd behoefte gehad aan veilige bewaarplaatsen. De kerken, welke tijdens de Middeleeuwen zoo rijk waren geworden, bezaten vele kostbaarheden, welke bij den dienst gebruikt werden zooals: monstransen, miskelken, wierookvaten, rehquieën, bisschopstaven, kandelabers, kruizen en beeldjes, weiketen deele van goud, zilver en edelgesteenten waren vervaardigd. Deze kostbaarheden werden in een kist of kast in de daarvoor ingerichte Sacristie opgeborgen.

Het Aartsbisschoppelijk Museum te Utrecht heeft een kastje, dat wellicht tot het opbergen van deze kostbaarheden gediend heeft. In zijn bouw verschilt dit merkwaardig meubel niet van een kist, alleen heeft het voorschot eenige deurtjes, welke een fijn gesneden ajour ornament hebben van Gothisch loofwerk, terwijl de hoekstijlen door pinakels worden versierd.

Verder waren in de kerk bergplaatsen noodig voor de kleederen der geestelijken. Daarvoor gebruikte men eertijds kisten, die in sommige kerken nog bewaard worden, doch zeer eenvoudig zijn.

De St. Bavokerk te Haarlem heeft eenige kleederkisten. Uit het dubbele kruisje, hetwelk op de slotplaat is gegraveerd, bhjkt, dat deze bergplaatsen voor de priesterkleeding waren bestemd. Op de slotplaat van de bisschoppehjke kleederkist zijn twee dubbele kruisjes boven elkander aangebracht.

De twee kleederkisten, welke zich in het Museum Van Stolk te Haarlem bevinden, getuigen van de groote weelde der kerk in het midden der zestiende eeuw. De kisten hebben het model van een langen smallen koffer met een gewelfd deksel en zijn met purper Gentsch fluweel met een geschoren granaatappel-patroon overtrokken. Ze dienden zeker om de kostbare koorkappen, kazuifels of altaarvoorhangsels te bergen.

Ook had de kerk nog vele documenten te bewaren als brieven, rekeningen en akten, waarbij vicariën gesticht en renten vermaakt werden. Ook de doop- en huwelijksboeken moesten zorgvuldig opgeborgen worden. De kerken schaften zich