Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

778

oeverhelling, zoodat wij voortdurend, doch niet veel, op en af gingen. Aan den linker oever der Koro-rivier, welke even voor de bocht een loodrechten wand eener oude rivierafzetting liet zien, begon het aansluitende gebergte minder hoog te zijn; bij de bocht was de linker oever zeer laag.

Het grijze, glimmerhoudende zand der rivier bevatte nu ook vele plekken van zwart magneetijzererts. 100 meter verder hadden wij den mond der S. Haoekoe of S. Wahi te doorwaden, een waterrijke bergbeek met bijna uitsluitend graniet-blokken.

Nogmaals sloegen wij van de Koro-rivier af, en hoewel wij op eenige hoogte soms nog dicht er langs liepen, kwamen wij pas na Gimpoe weder aan haar oever.

Achtereenvolgens volgden nu eerst dicht bosch met rottan, en blijkbaar lipariet als vaste rots-, dan weer open bosch op graniet; eenige begroeide rolsteeneilandjes in de Koro (welke zich dus verheffen boven het vloedpeil der rivier) ; een beekje met blokken verweerde lipariet-breccie; de Koro naar N.4.o°W.; een moerassig eindje, terwijl het oostelijke oevergebergte ver was teruggeweken; de Koro naar N.3o°0., en dan een lang eind naar N.3o°W.; en eindelijk een oud bed op ± 6 M. bovert de rivier, waarop zeer dicht kreupelhout gegroeid was. Toen stegen wij over zandgrond door zich steeds meer openend bosch, kruisten de S. Paninoea, welke mij S. Makoedawa werd genoemd, een flinke bergbeek met blokken porfierischen graniet, en de S. Ilebo met lipariet-blokken, kwamen uit het bosch in het hooge gras, waar wij het onmiddellijk buitengewoon warm kregen, en klommen voorbij het gehucht Kaoekoe en over de S. Alitoehoe met blokken graniet en lipariet tot een paar huisjes (Makoedawa) op goed 400 M. boven zee.

Hoog (± 65 M.) boven de Koro staande, welke naar N.25°W. stroomt, konden wij stroomop, door haar komvormige vallei in het open terrein, heel ver naar het Z. zien. De oevergebergten helden onder + 20° naar de rivier, welke als een smalle insnijding in het massieve gebergte uitkwam. Hiervan geeft foto 243 een beeld; op den achtergrond was het ruim 32 K.M. verwijderde gebergte, waartoe de B. Kamoelangi (2060 M.) behoort, flauw zichtbaar.

Ik moet nu opmerken, dat ten N. van Tanangke geen zijbeken met tegengestelde stroomrichting meer voorkomen; zij zijn kort en vloeien de Koro langs de steile oeverhellingen vrijwel onder rechte hoeken toe. Het schijnt dus, dat ten N. van Tanangke de Koro — ten minste

Sluiten