is toegevoegd aan je favorieten.

Handboek tot de staatkundige geschiedenis van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oorzaakt. Het toeval wilde, dat met haar ontstaan een wending in den krijg intrad: Phihps gebruikte Parma's krachten van 1588 af voor zijne universeele plannen, die hun graf vonden in de Armada en in het koning-worden van Hendrik IV in Frankrijk, en liet de Nederlandsche zaken inmiddels op haar beloop. Deze gebeurtenissen en hare gevolgen moeten het aannemelijk-zijn van den republikeinschen staatsvorm in Nederland bevorderd hebben. Toch maakte zij de Republiek als zoodanig niet wezenhjk populair. De successen, die behaald werden, gedijden ten voordeele van hen, die ze behaalden i Maurits en Willem Lodewijk, vooral van den eersten, een zoon immers van den Vader des Vaderlands.

Zien wij nu eerst naar de veranderingen, die de revolutie in de staatsmstellingen aangebracht heeft. Weg was de vorst. Weg waren de voornaamste colleges en ambtenaren der centrale regeering *). Over hiervan waren alleen de Raad van State en de Staten-Generaal met enkele, meest bij deze colleges behoorende ambtenaren. Gezamenlijk waren ze gevestigd in Den Haag, waar het Binnenhof sedert 1588 voorgoed als de zetel der Nederlandsche regeering kan worden beschouwd. En tevens der Hollandsche: want ook de Staten van Holland vergaderden geregeld hier, terwijl de stadhouder van het gewest er zijne residentie had. Beide colleges der centrale regeering waren tijdens de revolutie van aard veranderd, de Raad bovendien van samenstelling. Welk van beiden zou nu het machtigst worden ? Wie onze beschouwing tot nu toe gevolgd heeft, zal niet om een antwoord verlegen staan. De Raad moest het natuurlijk afleggen, met omdat — naar men op gezag van Van Slingelandt veelal zegt — er twee Engelsche leden in waren: dit was hoogstens een bijkomstige omstandigheid; maar omdat in de Staten-Generaal de invloed der afzonderlijke deelen zich beter kon doen gelden.

Nadat Leicester's afstand bekend geworden was, kreeg de Raad van State een nieuwe instructie (12 April 1588). Hierbij behield hij een vrij uitgebreide macht — uit te oefenen met Willoughby, den. nieuwen opperbevelhebber der Engelsche troepen, krachtens het verdrag van 1585 —, maar toch beperkt, vergeleken bij die van 1584. Hij kreeg te zorgen voor het onderhouden der buitenlandsche betrekkingen, dus niet voor het beleid er van, hij

*) In het Zuiden werd deze op de oude wij ze opnieuw ingericht; dit begon na don Juan's breuk met de Staten-Generaal in 1577.