is toegevoegd aan je favorieten.

Handboek tot de staatkundige geschiedenis van Nederland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

loosheid; elf weigerden en moesten heengaan. Daarop besloot de Vergadering zonder discussie: het reglement af te schaffen; de gewestelijke souvereiniteit te vernietigen; zich in hare nieuwe samenstelling te proclameeren tot Constitueerende Vergadering; een voorloopig Uitvoerend Bewind van vijf leden te benoemen benevens een nieuwe grondwetscommissie. Den volgenden dag bedankten negen en twintig leden (van wie 25 nog niet waren uitgestooten) voor hun lidmaatschap: zij werden in hunne woonplaats onder toezicht gesteld, de op 22 Januari uitgestootenen opgesloten. Het grondwetsontwerp kwam spoedig gereed: het Fransche model van 1795, voor Nederlandsche behoeften wat ongewerkt (door een Franschman 1), werd nu geheel nagevolgd. Met geringe wijzigingen nam de Constituante het 17 Maart aan. De volksstemming — ditmaal niets dan een schijnvertooning, want de grondvergaderingen waren vooraf ter dege gezuiverd en ook hier werd de eed van 22 Januari gevergd — keurde het in April goed (ruim 150.000 voor; bijna 12.000 tegen). Deze grondwet droeg de wetgevende macht op aan een Vertegenwoordigend Lichaam, dat zich zelf in twee kamers (de tweede van 30 leden) verdeelde: bij de Eerste Kamer berustte de voornaamste macht; elk jaar trad een derde der leden af. De keuze der leden geschiedde op dezelfde wijze als die der Nationale Vergadering, behoudens den eed van 20 Januari; de kiesdistricten waren nu 20.000 zielen groot, in grondvergaderingen van 500 zielen verdeeld. Het Uitvoerend Bewind, waarvan jaarlijksch één hd aftrad, werd gekozen door, maar niet uit het Lichaam. De comités werden door acht agenten (ministers) vervangen, te benoemen door het Bewind. Voor de koloniën werden twee Raden ingesteld, resp. voor die in Amerika en Azië. De rechterlijke macht, nader te organiseeren, zou zelfstandig wezen. De departementale besturen, gekozen in de grondvergaderingen, waren zuiver administratief; zelfs was bij de indeeling der departementen met de grenzen der oude gewesten in verschillende opzichten gebroken1) tot uitroeiing van den ouden zuurdeesem. De besluiten over belangrijke aangelegenheden van de NationaleVergadering werden bevestigd (amalgama, kerk).

*) Er waren 8 departementen: van de Eems, den Ouden IJsel, den Rqn, den Amstel, Tessel, de Delf, de Dommel, de Schelde en Maas; zij waren onderverdeeld in ringen en gemeenten.