is toegevoegd aan je favorieten.

Japan en de buitenwereld in de achttiende eeuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Mediatie" streed met de maximen en ordres der Compagnie; trouwens de Japanners zouden die wel niet vragen, als zij een overeenkomst met de Russen wilden.

In de volgende jaren werd er nog nagepraat. De Bewindhebbers berichtten, dat Spangbergs tocht door den Resident der Staten te Petersburg, Schwartz, gerapporteerd was en ze stelden voor om een wel bemand en bewapend scheepje met wat koopmanschap naar die noordelijke zeeën op kondschap te zenden. Maar te Batavia kon daaraan niet gedacht worden te midden der Chineesche troebelen en op Deshima verklaarde men: het was hetzelfde vaarwater waar De Vries 100 jaar geleden voer en voordeel was er dus niet tehalen.

Zoo bleven deze alsook nadere ontdekkingstochten der Russen verder uit. De regeering te Petersburg onttrok er verder haar aandacht aan en alleen het particulier initiatief bleef over. Dat gaf het aanzijn aan allerlei handelsondernemingen, die vooral de jacht op pelsdieren ten doel hadden; daarna werd tegen het eind van de 18e eeuw zelfs een soort algemeene compagnie gesticht.

Ook op de Kurillen werd een vrij levendige handel gedreven. De meest nabij Kamtschatka gelegen eilanden stonden onder Russischen invloed en werden gechristianiseerd.

Vandaar af werd een vrij levendige ruilhandel gedreven met de omgeving, ook met Yezo en de naastbijhggende eilanden. Zoo trof men in Kamtschatka Japansche artikelen, documenten en schipbreukelingen. Die eilanden bevonden zich in naam onder Japansche heerschappij, maar de band was vrij los.

De vorsten van Matsumae, die Yezo bestuurden, waren eigenlijk (tozama) daimyös en er had een zekere kolonisatie van Japanners plaats. Vorst en kolonisten bevorderden den handel, waarbij rijst uit Hondo werd aangevoerd; eigen landbouw zou het land veel meer tot een onderdeel van het Tokugawa-itgime maken. Nu het van het verkeer moest bestaan, bleef het (als NagasakdV daar min of meer buiten; want tegen die rijst enz. werden visscherij-produkten uitgewisseld, die men betrok van de Ainö bevolking, die eigenlijk buiten het Japansche rijk stond maar toch onder Matsumae behoorde. In het Noorden was Japan dus-maar half gesloten en bovendien weinig verdedigd 1).

■») Takaoka Komao, Die innere Kolcnisation Japans. SchmoUers staats- und sozialwissenschaftliche Forschungen, Bd. XXIII, blz. 7 vlgg.