Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

behoort van de wijsheid der negentiende eeuw, heeft den mensch eindeloos verder dan ooit verwijderd van zijn oorspronkelijken staat, de afhankelijkheid van God, en de betrekkingen tot den hemel; zij hebben het gevoel verkoeld, het hart bedorven, het verstand met ijdelheden opgeblazen, niet met waarheid gevoed.

VI. Constitutie. Hier hekelt de schrijver de leer van het contrat-social en voert hij (op contra- niet op anti-revolutionaire wijze) het pleit voor het droit divin der Overheid.

VII. Geboorte. Hooge of lage geboorte is geen toeval, geen eigen verdienste, maar voorzienig bestel Gods. Geboorteadel geeft een zeker recht, een zekeren plicht, een zekere meerderheid.

VIII. Publieke opinie. Zij heeft blijkens de geschiedenis meestal ongelijk en mag daarom geen richtsnoer zijn, zooals deze eeuw wil.

IX. Onderwijs. Tegen het prikkelen van de eer- en ijverzucht, en de overlading met kennis. Het eerste kweekt duiveltjes van hoogmoed en nijd; het tweede ingebeelde wijsgeertjes.

X. Vrijheid en verlichting. Deze eeuw, die zich beroemt de eeuw der vrijheid en verlichting te zijn, is in waarheid een eeuw van slavernij, een eeuw van bijgeloof, van afgoderij, van onkunde en van duisternis.

Op deze tien hoofdstukken volgt dan nog een Besluit dat, verrassend optimistisch van inhoud, profeteert: „Maar uit deze duisternis zal wederom licht te voorschijn komen . . . Wij mogen in Christus op een naderend herstel van de afdwalingen en van de gruwelen, die wij betreuren, hopen. En terwijl de trotsche Geest der Eeuw met hersenschimmen van steeds toenemenden voortgang en steeds vernieuwde zegepralen zijn verbeelding onophoudelijk streelt, bemerkt hij volstrekt niets van dat leger, hetwelk onder zijne oogen wordt samengesteld, en hetwelk, ieder oogenblik aangroeiende, eenmaal onder de aanvoering van Hem, die de wereld overwonnen heeft, de woedende krijgsbenden van Ongodistery

Sluiten